Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

53

Artikel 86. (43, le lid).

1. Indien in de vergadering van stemgerechtigde ingelanden tot eene stemming bij briefjes moet worden overgegaan, benoemt de voorzitter twee leden der vergadering tot stemopnemers.

2. Ieder hd der vergadering ontvangt van den voorzitter zooveel stembriefjes als hij stemmen mag uitbrengen. Op verzoek worden echter ook stembriefjes, geldende voor 3 of 6 stemmen, verstrekt.'

3. De inhoud van elk briefje wordt door den voorzitter overluid voorgelezen, door een der stemopnemers nagezien, en door beide stemopnemers opgeteekend.

In 1916 is in het eerste hd- het aantal stemopnemers van drie op twee gebracht en is in verband daarmede ook in het derde hd een kleine wijziging aangebracht.

Artikel 87.

Er hebben zooveel stemmingen plaats als personen te benoemen of aan te bevelen zijn.

Artikel 88.

1. Stembriefjes, welke onderteekend zijn, welke niet zijn ingevuld of welke niemand duidelijk aanwijzen, worden tot bepaling der meerderheid afgetrokken van het getal der uitgebrachte stemmen.

2. In geval van twijfel over den inhoud van een briefje beslist de vergadering.

Artikel 89.

1. Wanneer bij het benoemen of aanbevelen van personen bij de eerste stemming niemand de volstrekte meerderheid heeft verkregen, wordt tot eene tweede vrije stemming overgegaan.

2. Is ook bij deze geene volstrekte meerderheid verkregen, dan wordt de herstemming 'bepaald tot de twee personen, die bij de tweede stemming de meeste stemmen hebben verkregen. Komen voor de herstemming meer dan twee personen in aanmerking, dan .wordt bij tusschenstemming beslist, wie van hen, die een gelijk aantal stemmen verkregen hebben, op het tweetal wordt of worden geplaatst.

Sluiten