Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

82

Artikel 159.

Art. 148 is op hen, die tot betahng der jaarlijksche bijdrage verplicht zijn, van toepassing.

HOOFDSTUK XIII. De uitkeeringen.

Artikel 160.

1. Eene uitkeering mag slechts, geschieden aan allen, die bij den aanvang van het jaar, waarin tot het doen der uitkeering besloten wordt, omslagphchtig waren en in verhouding van hunnen omslagphcht.

Uitkeeringen uit de kas van een bijzonder beheer mogen slechts geschieden aan allen, die ten behoeve van dat beheer omslagphchtig ziïn.

2. De uitkeering wordt door de vergadering van stemgerechtigde ingelanden vastgesteld op een bedrag per omslagplichtige hectare.

EERSTE LID.

„Allen, die bij den aanvang van het jaar, waarin tot het doen der uitkeering besloten wordt, omslagplichtig waren". Onverschillig is het dus, of de uitbetaling soms na afloop van het jaar plaats vindt en ook of na den aanvang van het jaar verandering in den eigendom gekomen is.

TWEEDE LID.

„Vastgesteld op een bedrag per omslagplichtige hectare". Stelde toch de vergadering het totaal bedrag vast, dat te verdeelen is, dan zou bij elke wijziging als gevolg van bezwaarschriften ieders portie herzien moeten worden. /

Artikel 161.

1. Is tot het doen van eene uitkeering besloten, dan stelt het bestuur eene hjst vast, bevattende de namen der omslagphchtigen, de oppervlakte waarvoor zij omslagphchtig zijn, en het bedrag van ieders uitkeering.

2. Het bestuur legt deze hjst na voorafgaande afkondiging

Sluiten