Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

— 7 —

het Beursplein in Rotterdam? Ik dacht, dat je nog altijd ergens in den Indischen Oceaan rondzwierf."

„Hallo meester, maar hoe kom jij hier? Jou had ik toch ook allerminst hier verwacht!"

Dat was me een ontmoeting. Drie jaar tevoren hadden kapitein Boersma en de machinist Monté elkander voor het laatst gezien in Batavia en nu liepen ze elkander letterlijk tegen het lijf in Rotterdam.

De kapitein vertelde, dat hij nu juist met verlof in Europa was en voor zaken in Rotterdam had moeten zijn. Toen kwam de machinist aan het woord: "Ja, zie je, ik was nou al zoo lang weg geweest, dat kort na onze laatste ontmoeting het verlangen naar moeder de vrouw en mijn twee dochters in Holland me te groot werd. Ik had een duitje op zijde gelegd en dus keerde ik maar weer terug naar mijn eigen landje. Het is wel klein, maar het is er toch nog zoo slecht niet. Ja, Oost, West, thuis best. Nou, toen heb ik zoo een paar maanden bij moeder de vrouw aan de pappot gezeten, maar een zeeman blijft een zeeman en toen kwamen ze me vragen of ik een grooten baggermolen naar Japan wou brengen. Dat heb ik gedaan en slecht weer dat we gehad hebben..,, Het was geen gekheid .... Maar nauwelijks ben ik met het heele gedoetje in Japan of daar hoorden we, dat het misschien hommeles zou worden in Europa. Je begrijpt, dat ik toen weer gauw terug was. Met nog een paar menschen van den baggermolen ben ik dadelijk op reis gegaan, zooveel mogelijk over land. Met den Transsiberischen spoorweg ben ik gegaan, verder door Duitschland en ik was net twee dagen thuis, toen de oorlog uit brak. Ja, het was op het nippertje."

Sluiten