Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

— 199 —

Ten slotte had Frits dan toch enkele woorden onthouden en toen werd de heele Russische familie bijeen geroepen en moest Frits voor haar zijn lesje opdreunen.

Het had een groot succes.

Den volgenden morgen vroeg werd Frits wakker door eenig lawaai en toen hij opkeek, zag hij den commissaris in volle uniform staan trekken aan de beenen van kapitein Boersma, die naast zijn neef op een matras op den grond lag.

Toen de kapitein, die vast sliep, eindelijk ontwaakte, keek hij met verbaasde en eenigszins angstige oogen naar de vreemde verschijning aan zijn bed. De commissaris beduidde den kapitein, dat deze zich moest aankleeden en met hem medegaan.

„Waar zou die kerel me heen willen hebben?" vroeg de kapitein aan zijn neef.

„Naar Siberië vermoedelijk," antwoordde Frits voor de grap, plezier als hij had om de vreemde vertooning, maar zijn oom zette een gezicht, alsof hij het antwoord in het geheel niet aardig vond.

De kapitein ging met den commissaris mede. Frits keek op zijn horloge. Het was vijf uur en Frits begon te vermoeden, dat de commissaris, toen deze den vorigen avond het cijfer V op een horloge gewezen had, niet gedoeld had op de boot van Mezen, die de schipbreukelingen af zou komen halen, maar dat het toen ging om een afspraak, die hij met den kapitein had gemaakt, zonder dat deze er iets van wist.

Zeker werd dit, toen de vrouw des huizes den achtergebleven schipbreukelingen later duidelijk maakte, dat de kapitein dien avond om zeven uur zou terugkeer en.

Sluiten