Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

— 235 —

avond, zond ze ter goedkeuring naar de Russische autoriteiten en den volgenden morgen waren ze al goedgekeurd terug.

Toen Frits het paspoort in de hand had, gevoelde hij toch iets van blijdschap in zich.

Ja, het was wel heerlijk zoo te zwerven, maar het was toch ook heerlijk weder naar het vaderland terug te kèeren.

Kapitein Boersma had besloten de reis over Petrograd en door Finland te maken en niet te wachten op een schip, dat hen over Engeland of direct naar Nederland zou kunnen brengen.

„Wanneer zouden we weg kunnen?" vroeg de kapitein aan den consul.

Vanmiddag om even twee uur vertrekt er een trein naar Wologda. Daar moet u overstappen voor Petrograd. Maar een slaapplaats kunt u in dien trein niet meer krijgen, want die moeten minstens een dag van te voren worden besproken".

Maar allen wilden liefst zoo spoedig mogelijk vertrekken en dus zouden ze dien middag gaan.

„En meneer de consul, heeft u nog iets van Nadorst gehoord?" vroeg Frits.

Ja, die was veroordeeld wegens het in dienst zijn van den vijand en het zonder vergunning invoeren van springstoffen tot tien jaar opzending naar Siberië. ^alP

„Hij is er nog goed afgekomen", voegde de consul er aan toe, „ want hadden ze hem kunnen bewijzen, dat hij die springstoffen had willen aanwenden ter vernietiging van de „Holland" of van een gebouw of iets dergelijks, dan had ik geeh duit meer voor zijn leven gegeven".

Sluiten