Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

98

wat voer je uit!" riep de koopman, die in znn ontsteltenis 's mans vollen naam voor den eersten en laatsten keer noemde.

„Ik doe, wat u me gezegd hebt: ik ontniim uw huis, maar 't is goed, dat u komt, want er zijn zulke zware kasten bij; die kan ik onmogelijk alleen versjouwen."

„Laat staan," riep de koopman, „laat alles alsjeblieft staan, en maak, dat je weg komt! Ik heb geen greintje geduld meer, denk er om!"

,,'t Is toch vreemd," zei Tyl Uilenspiegel en schudde peinzend 't hoofd; „ik doe alles, wat men nnj beveelt, en kan 't nooit iemand naar den zin maken. Ondank is 's werelds loon." —

Toen ging hij weg en Het den koopman met zijn „verhuisboel" zitten.

Gelukkig hielpen de buren een handje mee en zoo was aUes weer gauw op zijn plaats.

XXIX.

Hoe 't Tyl Uilenspiegel m Luneburg ging.

In Luneburg werd Uilenspiegel eindehjk zelf eens beetgenomen. Dat had hij, na al zijn streken, wèl verdiend, vindt je niet?

In die stad woonde een man, die haast net zoo'n oohjke snaak was als Tyl zelf. Hij ontmoette hem eens

Sluiten