Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

237

wisten, maar dat z' er nieten aan kosten doen. En die Hollanders waren dul en zegden, dat de Belgique 'nen vervloekt land ware, en ik zegde: 't Is maar, dat de Vlamingen 't waarachtig Evangelie niet en kennen!" Vermeule sprong op en zei:

„'t Is juist datte 1 't Evangelie alleene kan 't gebeterenI" „'k Zegde dat, baas! 'k Zegde, dat de Hollanders moesten heur Vlaamsche broeders helpen, dat ze moesten heur het Evangelie brengen. Maar in Holland kunnen ze 't niet gelooven, dat er hiere zoo vele menschen zijn, die niet kunnen in boeken lezen. Ze zegden: d'r zijn doch scholen in uw land, en de kinders leeren daar doch lezen en schrijven 1 Zoo, j' en kunt het de Hollanders niet uiteen doen,-hoe 't hier te lande is!"

Madam Vermeule dacht zeker, dat Mong al zijn tijd in Holland in kelder en keuken had doorgebracht Want niet alleen vroeg ze, wat hij dag aan dag had gegeten; maar ook, hoe 't klaargemaakt was. Doch van de kokerij wist hij alleen maar dit bijzondere, dat de koffiezak in Holland onbekend was. In 't kleedkloppen scheen hij meer belang gesteld te hebben.

„Awa, madam! als ik 't hoorde, 'k peisden ik, dat 't oorloge ware en dat ze met de kanons schoten, 't Klakte en donderde, dat de strate d'r van daverde P*

Madam wilde beslist weten, „hoe 't meuglijk ware, dat twee maarten l) zulken laweit kosten maken" met een vloerkleed, en Mong toonde haar, hoe men 't kunststuk volbracht

De vrouw vroeg zooveel over.huishoudelijke zaken, dat hij onmogelijk overal op antwoorden kon, zoodat hij meermalen een bestraffing kreeg, omdat hij hier of daar niet beter op gelet had. En dat was dan weer oorzaak, dat Mong — om een bestraffing te ontgaan — zich zelf maar een Voorstelling van dit of dat maakte en die als de waarschijnlijke waarheid meedeelde

dienstboden.

Sluiten