Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

285

schept zich een wereld, waarin men voor f80.— een kerkje bouwt, waarin men bontgeverfde kippen verkoopt, en nog vele andere ongewone dingen doet en teekent ons die wereld zóó, dat we haar zeer lief krijgen en den schrijver met een handdruk willen danken, dat hij ons eenige uren de misères der werkelijke wereld deed vergeten, door ons te brengen in een omgeving, waarover de Heiland Zijn „Zalig" zou gesproken hebben, ja 't nog spreekt

K. W(ielemaker) in „De school met den Bijbel" van 29 Aprü 1915.

'n Boek, zóó genomen uit 't Friesche volksleven, gelijk het gezien werd een kwart eeuw terug door een, die net zag in z'n intiemste uitingen en het bespieden kon in zijn meest verborgen schuilhoeken. Een boek bovendien, dat_ zonder ergens in den preektoon te vervallen, toch een predikatie is over het „ware geluk des menschen", waar in onze mammonnistischen, genotjagenden tijd ook menigeen, die zich naar Christus noemt, zijn voordeel mee kan doen.

„Friesch Dagblad" van 14 April 1915.

In lang heb ik niet zoo'n prachtig-eenvoudig, naïef-bekoorlijk boek gelezen als deze nieuwste pennevrucht van Jan Veltman. Ik ben blijde dat ik dit zeggen kan, omdat ik — gelijk de lezer zich herinneren zal — met Veltman's kleine verhalen niet bijster ingenomen ben geweest en ik het betreurd heb, dat hij zich met hield aan het genre, waarin hij zoo iets goeds geschreven had als „De Vlaamsche scharenslijper". Welnu, B a j e is er weer een van dit genre. Slechts de plaats der handeling is een andere; ditmaal leven we op de Friesche heide. Misschien doet daardoor het boek even aan de schetsen van Visscher denken, maar w,at deze miste, dat bezit Veltman, tLL conceptievermogen en een _ goeden, zuiveren stijl^ met gevoel voor humor en voor innigheid. Veltman toont in dit boek, dat bij als auteur het best is. waar hij, zonder bedenksels, (die zijn fort niet zijn) het leven der eenvoudigen kan teekenen zooals hij het zag, niet alleen het uiterlijke leven, want dat zoü ten slotte maar de helft zijn, maar vooral het innerlijke. En daarin is hij in zijn jongste boek zeldzaam goed geslaagd. Wij gevoelen ons hier in een geestelijk en natuurlijk reine en ruime atmosfeer, waar de beschaving niets vermooit en niets verbergt, en waar ook het waarachtiggeestelijke leven nog zoo Frisch en zoo welig bloeit, dat men er de eenvoudigen waarlijk om benijden zou. Veltman weet trouwens zelf die dingen heel eenvoudig te zeggen. „Dinkst do dan, Jannes 1 dat er 'n aparte God is in 'e natuur, en 'n aparte in de genade? 'n God voor 't lichaam en 'n andere

Sluiten