Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

26

„Anders wel, maar nu had ik er geen lust in, omdat u er was," zei Ati meer oprecht dan beleefd.

„Wat 'n onhebbelijk kind!" zei tante Elise.

En Mama, zenuwachtig, omdat tante Elise wel geen hoogen dunk van haar manier van opvoeden zou krijgen, werd boos op Ati en zei: „Je mag niet aan tafel komen, ga naar je kamer, ik zal je wat eten laten brengen."

,,'t Kan me niks schelen van tante, wel van Mama," dat was de alleenspraak, die Ati op haar kamer hield en waar zij met 't vervelende gevoel zat van er te moeten zijn. Juf bracht haar een bord eten. Juf was pas nieuw, en Ati voelde nog niets voor haar.

„Koekcek! koekoek!" klonk 't een half uur later.

Ati sprong op. 't Was Han z'n manier om haar te roepen. Ati kwam aan 't raam.

„Ben je daar?"

„Ja, voor straf, 'k Heb weer wat onaardigs gezegd tegen tante Elise en teer aan mijn jurk gekregen door dien appelboom."

„Wat jammer! Ik kwam je juist vragen of je bij ons dessert kwam eten. Moeder heeft perziken gekregen. Wacht, nou zal ik wat voor je halen. Heb je daar iets dat je neer kan laten, een mandje of zoo iets, met een touwtje?"

„Jawel," en Ati leegde gauw een hengselmandje met allerlei schatten.

„Goed, ik kom dadelijk."

Sluiten