Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

28

Daar werd geschertst en gelachen, herinneringen uit hun jongen tijd werden opgehaald.

En véél gesproken over de beteekenis van den laatsten Rijksdag.

— De dagen van Keizer Barbarossa komen terug," zeide ridder Dagobert.

— Keizer Frederik.zal volbrengen wat zijn voorganger onvoleindigd moest achterlaten," vervolgde ridder Hohenberg. „Duitschland zal gewaar worden dat zijn Keizer niet meer in Italië is. De Keizer zal zijn op den Rijksdag gesproken woord doen eerbiedigen. Een vijand van veeten. Oproerige rijksgrooten en edelen in bedwang. Onderwerping aan het Keizerlijk gezag. Het zal je even als mij zijn opgevallen, Dagobert, dat het zéér stil was in de zaal nadat de Keizer zijn besluit had openbaar gemaakt, dat van Woensdag tot Maandag Gods vrede moet heerschen en veeten drie dagen vooraf moeten worden aangekondigd Dat was velen niet naar den zin. Weinigen willen

mee met den Keizer en zijn groote hervormingen. Baatzucht en eigenbelang gaan voor.... Misnoegden te over!.... Konden wij den Ebersteiner in handen krijgen, de partij der onwilligen zou een gevoeligen stoot bekomen. Nu, het zal er wel op uitloopen. Van zijn goederen vervallen verklaard, voortvluchtig en vogelvrij met een prijs op zijn hoofd...."

Hij zweeg en scheen de kansen na te gaan. Het duurde eenige oogenblikken voordat ridder Dagobert sprak.

Hij tuurde in zijn beker, lang, bracht hem aan de lippen zonder te drinken en zette hem weer neer.

— Het zal er wel van komen," zeide hij eindelijk.

— Zal prins Hendrik nog lang in Italië blijven?" vroeg jonkvrouw Gonda.

Roswitha kreeg den indruk alsof tante Gonda het gesprek op iets anders wilde brengen.

Tante Gonda was ook niet zooals anders....

Sluiten