Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

32

leen. Zijn tol, zijn tol vloog in de 't rond; Maar geen, maar geen, die bij - stand man Vlak aan, vlak aan den wa - ter -

I ~~V ^ I

vaart. Hij lei zich schie-lijk op den

bood. Hij zonk al ver - der in den

kant Een kin - der - lijk, en 't hield een

i v ®m v • j |

kant En . greep hem heel be -

vloed En vond een droe - ven

tol In zijn , ge - slo - ten

daard. Hij stond weer op, maar viel ter neêr, Het dood. Toen vloot het wa - ter in den vliet Weer hand. En 't knaap-jen, och, wijdt hem een traan, Is

Sluiten