Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

66

ben nieuws - gie - rig, wie mij straks Her -

werd zijn groet be - ant - woord, maar, Her -

groet werd trouw be - ant - woord, maar, Her -

zag hem aan, de trou - we ziel, En

jon - gen," sprak ze, „zie, daar is Ook

ken-nen zal, wie niet! Ik ben nieuws-gie - rig, ken-nen, neen, dat niet! Wel werd zijn groet beken-nen, neen, dat niet! Zijn groet werd trouw beken-de hem ter-stond. Ze zag hem aan, de maar ée'n moe - der - oog! O, jon - gen," sprak ze,

1 1 Gf-r

wie mrj straks Her-ken-nen zal, wie niet!

ant-woord, maar, Her - ken - nen, neen, dat niet!

ant-woord, maar, Her - ken - nen, neen, dat niet!

trou - we ziel, En ken - de hem ter - stond,

„zie, daar is Ook maar e'én moe-der - oog!"

Sluiten