Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

22

De inundatiën uit de Vecht werden dus boven den Hinderdam gesteld met het zoete water dat, uit hoogere streken van de provincie Utrecht afvloeiend, aldaar werd opgehouden, en beneden den Hinderdam met het zeewater dat bij vloed uit de Zuiderzee tot dien dam naar binnen stroomde. Maar bij laag water, althans bij lage ebben, vloeide het overstrc^mingswater op de Zuiderzee terug. Om dit te beletten werd door de Regeering van Amsterdam 13 Juh machtiging gegeven een dam in de Vecht te leggen bij Muiden. Deze is toen aan de zuidzijde van de stad gemaakt met een bovenbreedte van 36 a 40 voet, waarop een borstwering ter dikte van 16 voet werd gelegd. Amsterdam kreeg ook daardoor gelegenheid om zoet water uit de Vecht te krijgen. De Vechtdijken beneden den Hinderdam hielden daardoor op buitendijken te zijn. Maar men sneed zich daardoor tevens de gelegenheid af, om als het noodig was Zuiderzeewater langs de Vecht naar binnen te laten.

Daarom werd ingevolge een besluit van de Staten van Holland van 9 Febr. 1673 ter vervanging van dien dam een sluis middenin de stad Muiden gelegd, in weerwil van den tegenstand der provincie Utrecht, die trouwens reeds sedert 1579 dit telkens voorgenomen werk had weten tegen te houden.

Door deze inundatie gaven 9 wegen en dijken toegang tot de linie en die moesten dus door verdedigingswerken worden afgesloten. Het waren de volgende, te beginnen in het Zuiden.

De Hollandsche Kade (Hollandsche Meent), waarop een post werd gelegd aan het Woerdensch Verlaat, die in 't laatst van September door 2 kompagnieèn infanterie werd bezet.

Een pad, gaande van Mijdrecht westwaarts naar de Kromme Mijdrecht (nu door vervening geheel verdwenen) werd bij dit water afgesloten door een werk bij de Groene Jonker. Dit werd in 't laatst van September door één kompagnie infanterie bezet.

Deze beide posten werden in November aanzienlijk verbeterd, van achteren gesloten en geheel gepalissadeerd en het volgend jaar geheel voltooid.

De Mijdrechtsche Zuwe toeloopende op den Uithoorn. Het bezetten van deze plaats geschiedde echter niet alleen tot afsluiteng van dat acces; maar het bezit van dit punt was vooral van veel gewicht om den vijand te beletten langs Drecht of Amstel tot de buitenwerken van Amsterdam te naderen en tevens om de verbinding van deze stad met het leger aan den Rijn te verzekeren.

De brug aldaar over den Amstel werd afgebroken en met de versterking 23 T uni een begin gemaakt. Nadat de inundatie gesteld was, werd de Mijdrechtsche Zuwe afgegraven en werden de vaarten, tusschen het Woerdensch Verlaat en Ouderkerk uitkomend op de Mijdrecht en den Amstel, door het doen zinken van vaartuigen, inslaan van palissaden, enz. versperd. Half November werd de post van achteren gesloten en op den linker

Sluiten