Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

27

polders te brengen werden tevens de Amsteldijken en de ringdijken van de Diemer- en Bijlmermeerpolders doorgestoken.

Den 26en Juni werden ook de polders t. W. van de stad onderwatergezet met IJwater, waartoe de Spaarndamsche Zeedijk en ook de wegen naar Haarlem en Sloten werden doorgegraven; de Middelveldsche en Osdorper polders bleven droog.

Het heeft veel moeite gekost om de inundatie op het gewenschte peil te houden: nu eens stond die te hoog dan weer te laag. De stand was 23 Juni zoo hoog, dat de kruitmakers aan den Heiligenweg het water in hunne molens begonnen te krijgen. Eenige dagen daarna werd dan ook besloten de sluizen van de stad gesloten te houden, het water in het Haarlemmermeer (Rijnlandsboezem) niet hooger dan het verlangde inundatiepeil op te zetten, de deuren van de Ipenslootershiis weer in te hangen en het gat in den zeedijk bij Jaaphannes tot boven hoog water te dichten. Op raad van den ingenieur Dumont werd bevolen de landen slechts dras te zetten, doch zoo dat de slooten en wegen niet meer te onderscheiden'waren, maar de boezems hoog te houden om daaruit ten allen tijde spoedig te kunnen aanvullen.

Gouda begon wel 19 Juni water in te laten, maar hield de sluizen aldaar niet altijd open, waardoor het water in Rijnlandsboezem weer te laag zakte. Amsterdam had daarom bij de Staten aangedrongen om ebdeuren te maken in de sluizen te Spaarndam, om te beletten dat Rijnlands boezemwater daardoor afliep. Het was daarom niet wel mogelijk het zoute water op de overstroomde landen door zoet water uit dien boezem te vervangen. Eerst in het najaar, toen er sterke regenval kwam, is dat langzamerhand, mede met behulp van de poldermolens, geschied.

Door deze inundatie leidden de volgende toegangen naar de stad Amsterdam.

1°. De Zuiderzeedijk.

2°. De ringdijk van den Diemermeerpolder, waarop de wegen van Diemen, Muiden en Abkoude uitkomen. Hij moest daarom aan de noord- en aan de westzijde afgesloten worden.

3°. De Amsteldijk of de weg langs den linkeroever van den Amstel.

4°. De Amstelveensche eh de Sloterwegen, samenkomend bij den Overtoom.

5°. De weg langs de Trekvaart naar Haarlem. 6°. De Spaarndamsche Zeedijk.

Wij zagen reeds dat al deze toegangen doorgestoken werden voor de onderwaterzetting. Er werd bevolen achter de doorsnijdingen dadelijk werken te maken, voorzien van een rjahssadeering. Voorts werden gemaakt:

Post bij Jaaphannes, op den Zeedijk vóór dit gehucht en dicht achter de Ipenslotersluis. Hij bestond uit 2 borstweringen loodrecht op den dijk,

Sluiten