Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

36

brug door Palm aan het hoofd van zijn zeesoldaten teruggejaagd tot in den post waar Zuylestein gesneuveld was; een groot gedeelte der door de Franschen gemaakte gevangenen werd bevrijd en eenige Fransche officieren Werden zelfs nog gevangen gemaakt.

In den morgen van den 12en gaf de Prins van Oranje toen last tot den terugtocht, die in goede orde volbracht werd.

De aanslag op Woerden was dus mislukt, een gevolg van de groote voortvarendheid van Luxembourg en van de fout van Zuylestein van zich in den rug niet beter te dekken door den weg naar Kamerik niet te bezetten of dien niet beter af te sluiten dan door den post aan den 's Gravenslootschen molen geschieden kon. Misschien ook is deze post zoo spoedig bezweken, doordat „eenige van de militie haar niet naar behooren hebben gecomporteerd", zooals in een Resolutie der Generale Staten van 13 Okt. wordt gezegd.

Maar de Nederlandsche troepen in 't algemeen hadden zich dapper gedragen. Wel hadden zij 600 a 700 man aan dooden en gekwetsten en 3 a 400 gevangenen verloren, maar den vijand was een verhes van ongeveer 2000 man toegebracht, waaronder vele officieren en Luxembourg schreef aan Louvois, dat de kracht van 5 van zijn regimenten gebroken was door het groot verhes aan gesneuvelde en gewonde officieren „en", zoo schreef hij, „als ons weer zoo iets overkwam, dan weet ik niet of wij er even gelukkig zouden afkomen."

De mislukte aanslag had dus voor ons toch ook zijn goede zijde gehad. Hij had getoond welke kracht er zat in het Nederlandsche leger en hieraan zelfvertrouwen geschonken, terwijl aan den vijand blijkbaar ontzag was l ingeboezemd voor onze wapenen.

Tegelijk met dien op Woerden werd door de Nederlandsche troepen uit Schoonhoven onder Louvignies, ondersteund door 16 gewapende uitleggers, een aanval gedaan op Vreeswijk. De storm op het werk bij de sluizen mislukte echter, hoewel de Franschen veel verliezen leden. Onze troepen plunderden en verbrandden toen het dorp en maakten een grooten buit.

Hier en daar vielen nog enkele schermutselingen en gevechten voor. Zoo deed de bezetting van Naarden 18 Okt. een vergeefschen aanval op Hinderdam; een paar dagen later echter maakten zij zich meester van de traversen op den zeedijk bij Muiden. De bezetting had die schandelijk verlaten, maar werd door de wacht bij het slot teruggejaagd.

Merkwaardig was de verovering door 400 Franschen in den nacht van 4 op 5 November van een uitlegger, die bij deBijleveldsche brug lag en daardoor de omliggende dorpen beschermde en den vijand verhinderde om turf uit de venen te halen. Het was een turfschip, bewapend met 7 stukken geschut, met een borstwering tegen geweervuur en bemand met 27 matrozen onder den kapitein van Spelt. Toen de wacht van huisheden verjaagd was, maakten de Franschen, nadat de bemanning zich een uur

Sluiten