Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

43

Toch zijn de bewegingen der bondgenooten voor ons land voordeelig geweest, omdat zij een groot gedeelte van de Fransche macht buiten de grenzen der Repubhek hebben gehouden.

In 1673 werd een verandering aangebracht in de richting van de Hollandsche Waterlinie tusschen de Zuiderzee en den. Hollandschen IJsel. Dit was mogelijk, omdat tegen het einde van het vorig jaar de inundatiën zich veel verder naar het oosten uitstrekten dan daarvóór het geval was, — wat vooral veroorzaakt werd door de opening in den zeedijk tusschen Muiden en Naarden. Daardoor kon ook de linie zelve verder naar buiten worden gebracht, terwijl achter de linie landen konden worden drooggemaakt en dus niet langer aan de voortbrenging bleven onttrokken.

Na overleg met de Staten van Holland zond daarom de Prins van Oranje 13 Mei den Luitenant-Kolonel Stocheim met 1600 man en een aantal huisheden naar Nieuwersluis, dat door de Franschen bezet was, maar daarop spoedig door hen ontruimd werd. Onder dekking van die troepen, die daartoe gevechten moesten leveren met de in Breukelen genestelde Franschen, werden toen te Nieuwersluis verdedigingswerken aangelegd en ook posten gemaakt te Demmerik en te Wilnis. Van dat tijdstip af hep dus de Hollandsche waterlinie van Muiden langs de Vecht naar Nieuwersluis, dan langs de Nieuwe Wetering en de Kromme Angstel naar Nieuwer ter Aa, van daar langs den Boschdijk (Kerklaan) en de Demmeriksche (ter Aarsche) Zuwe tot de Wilnissche Zuwe en dan hierlangs en langs de Hollandsche kade tot het Woerdensch Verlaat. Van dit punt strekte de linie zich uit langs de Mije tot Zwammerdam, voorts langs den Rijn tot de Wierikkerschans en langs de Enkele Wierikke tot den IJsel en eindelijk hierlangs tot Oudewater. Verder naar het Zuiden bleef de linie onveranderd als in 1672.

In verband hiermede werden de kaden te beginnen bij de Heinoomsvaart langs Nieuwersluis tot den Hinderdam, waartegen de inundatie moest steunen, opgewerkt, terwijl werden drooggemaakt eenige polders aan de westzijde van de Vecht tusschen Weesp en Abkoude, voorts de Rondehoepspolder en de polder de Ronde Venen, die grootendeels verveend was, eenige polders tusschen het Woerdensch Verlaat en Nieuwersluis, enz. Tevens werden de uitleggers tusschen Amsterdam en het Woerdensch Verlaat, die niet meer noodig waren, voorloopig tusschen dit verlaat en de GoejanverweUesluis geplaatst en nog een bij den Joostendam, langs welk punt in Aug. '73 de linie nog iets naar voren gebracht werd.

Hooge buitenwaterstanden maakten dat de inundatiën in den zomer en het najaar van 1673 te hoog werden opgezet, waarom sommige in de buitendijken gemaakte openingen werden gedicht, zooals die in de Lekdijken en die in de Lingedijken bij Gorinchem. Hierdoor werden de Loopikerwaard, de Krimpenerwaard en de Alblasserwaard tegen een eigenlijke overstrooming beveiligd.

Sluiten