Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

DE RENAISSANCE IN ITALIË.

557

meest verschillende opvatting is bewaard gebleven. Nu eens waren de velden bespannen met tapijten of beschilderd met nabootsingen daarvan, dan weer waren ze onderverdeeld door pilasters en lijsten en met reliëfwerk versierd; of het geheele veld diende voor beschildering met mythologische of historische onderwerpen. Ook hout werd gebezigd voor de lambriseering, die soms zeer hoog was, en waarboven een geschilderd fries werd aangebracht. Hoewel de architecturale details dezelfde waren als die van het exterieur, waren ze fijner van verhouding.

De vloeren waren van planken of uitgevoerd als parketvloeren. Rustten de vloeren op gewelven, dan werd gebruik gemaakt van cement, waarin kleine steentjes werden gerold, en daarna geslepen en gepolijst, z.g. terrazzo; of wel werden ze belegd met gebakken geglazuurde

tegels, of marmermozaïk.

Het zwaartepunt ligt echter in de zolderversieringen, waarbij gebruik werd gemaakt van alle vindingen uit vroeger stijlen, al zijn de versieringen niet door de constructie geboden. Echter verdwijnen de middeleeuwsche balkenzolderingen en het kruisgewelf, daar deze zich minder leenden voor grootsche decoratiën.

Fig. 603. Andrea Palladio, 1501-1580. Onvoltooid paleis voor de familie Porto, te Vicenza. Laat-Renaissance.

Houten zolderingen worden afgetimmerd met kasetten, voorzien van verguld snijwerk of beschilderd. De kasetten zijn 4-hoekig, 6-hoekig, 8-hoekig, stervormig en zelfs rond. Ze Fig, 591. doen denken aan steen, of, als ze van pleister zijn, aan géén materiaal. De kasettenvelden Fig. 582 h. zijn gevuld met ornament of met flguraal beeldhouwwerk; de lijsten bestaan uit blad- of vruchtenrandèn en ornamentbanden, die, voorzien van rozetten op de snijpunten, als 't ware van muur tot muur zijn gespannen.

Zijn de kasetten vierkant, dan spreekt geen der assen van het vertrek in het bijzonder,

Sluiten