Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

BAROK EN ROCOCO IN FRANKRIJK.

741

a. de vroeg Louis quatorze-stijl (1660—1690) in zijn streven naar rijkdom en pracht tot het uiterste, en

b. de laat Louis quatorze-stijl (1690— 1715) met zijn zin voor, uitwendig, versobering en, inwendig, verfijning.

3. De Régence- of vroeg Louis quinzestijl (1715-1735),

4. De Rococo- of Louis quinze-stijl (1735-1750).

Hierbij dient opgemerkt te worden, dat de naam Rococo-stijl, die gezegd wordt te zijn afgeleid van rocaille = schelp of rotswerk, in Frankrijk minder gebruikelijk is dan de naam stijl Louis XV.

Al worden in de perioden Barok en Rococo na elkaar genoemd, hun ontwikkeling valt naast elkaar. Reeds in Italië ontwikkelen zich gelijktijdig twee richtingen, de barokke en de klassicistische. Evenwel tracht de Fransche bouwmeester den invloed van Borromini te ontkomen, zoogoed als alle vreemde invloeden, en volgt hij bij voorkeur de strengere Palladiaansche richting of die van Vignola en Scamozzi. Waar de Italiaansche Barok onvoorwaardelijk wil uiting geven aan fantasie en ongebonden scheppingsdrang, blijft de Fransche meer beheerscht, overdacht en berekend. Zoo

zijn de Fransche bouwmeesters, minder dan de Italiaansche, in te deelen in twee rubrieken: de klassicistisch en de ongebonden voelende. Te minder, omdat er Fransche meesters zijn, die streven naar klassicisme voor het ex- en vrij-Barok voor het interieur, welke richting in het Régence-tijdperk vooral den boventoon voert en eindigt in het Rococo-tijdperk, waarna de steeds werkzaam gebleven klassicistische richting triomfeert in den Louis XVI stijl en de Empire. L De VROEG-BAROK.

Ieder tijdvak heeft zijn eigen meesters, die, bij alle gebondenheid toch hun eigen stempel

Fig. 817. Lodewijk XIII deur uit het Slot van Fontainebleau.

Sluiten