Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

778

BAROK EN ROCOCO IN DUITSCHL., OOSTENR., Z WITSERL. EN TSJECHO-SLOWAKYE. «

Het Duitsche Renaissance ornament is van een fijne, althans bestudeerd bedoelde werking en karakteristiek van opvatting. Het Barok-ornament daarentegen is met een vooropgezette bedoeling grover gemaakt, berustend uitsluitend op een levendige wisselwerking van licht en schaduwf/terwijl fijnheid van detail geen gewicht meer Fig- 864. in de schaal legt. Toch blijft door den geheelen Barok een voorliefde voor het Renaissance beslagwerk-ornament bestaan, wat tot uiting komt in de veel toegepaste bandvlecht-ornamenten in den geest van den Franschen ontwerper Bérain. Fig. 856.

Daar, waar het maar even kan, wordt flguraal beeldhouwwerk toegepast als caryatide of atlant; doch Fig. 865. de betrekkelijke rust uit de Renaissance maakt ook hier plaats voor overdreven gewrongen, heftig ge- Fig. 861. spierde beweging, waarin de Duitscher

zijn fantasie en zin voor het schilderachtig effect den vrijen loop laat.

Geen der in andere landen gevonden barokke details blijven onaangewend. Gebroken en Fig. 868. gebogen tympans, zware lijsten, eveneens gebogen, gewonden zuilen en overhoeks geplaatste Fig. 870. pilasters, en cirkel- of ellipsvormige vensters ter vervanging van de rechthoekige, ontbreken Fig. 871. zelden en worden toegepast naast een nieuw element: de z.g. zittende pilaster.

Ook in den plattegrond maakt de rechte lijn plaats voor de gebogen lijn. Zoodat in den paleisbouw, evenals in den kerkbouw, het streven naar gemakkelijkheid en gezelligheid plaats maakt voor de eischen van uiterlijk vertoon en voorname grootschheid. Vandaar de toepassing van een centralen koepel en een hoofdportaal met zware zuilen, samengetrokken liefst met een pronkerig balkon, en zware pilasterorden, die nog een schijn van de constructieve idee bewaren, in tegenstelling met het inwendige, dat in zijn gouden kleur en overdadige vormenweelde alle beschaving gaat missen en protserig en pronkerig wordt.

Daar de Duitschers voor ambachten een aangeboren handvaardigheid bezitten, was de achterstand tengevolge van den 30-jarigen oorlog spoedig ingehaald, en stonden de kunstambachten weder op dezelfde hoogte als in het einde van het Laat-Gothische tijdvak, zoodat

Sluiten