Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

894

NEO-ROMAANSCH, NEO-GOTHIEK, NEO-RENAISSANCE, MODERNE BOUWKUNST. t

Fig. 1000. Detail van het Scheepvaarthuis te Amsterdam.

sluit nog vele mogelijkheden in zich. De bouwmeester heeft echter niet alleen rekening te houden met de geheel veranderde wetten van statica, doch tevens met de veranderde aesthetische eischen van het materiaal.

Dan de veranderende maatschappelijke constellatie, de tengevolge van het materialisme verminderde liefde voor het kunstambacht, en de vervanging van den werkman door de machine. En de nieuwe problemen, als daar zijn complexen van arbeiderswoningen, industriegebouwen, fabrieken, watertorens, warenhuizen, spoorwegstations, hotels en restaurants, die de plaats zijn in gaan nemen van kasteelen en kerken. Deze alle hebben andere eischen van doelmatigheid, juistheid van constructie, duidelijkheid in massa en monumentaliteit.

De Duitsche architect streeft voor alles naar het kolossale en houdt daarbij vaak nog vast aan, zij 't ook Fig. 998. gewijzigde, oude vormen (Volksbühne te Berlijn), doch werkt er zich ook soms totaal van vrij (Groszes Schau- Fig. 997. spielhaus te Berlijn).

De Nederlandsche bouwmeester echter, die steeds tracht naar doelmatigheid en het redegevende (Beurs te Amsterdam), ziet af van oude vormen en bereikt zoo langzaam aan een toonaangevende positie en buitengewone Fig. 1000. originaliteit (Scheepvaarthuis te Amsterdam).

Sluiten