Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

916

NEO-ROMAANSCH, NEO-GOTHIEK, NEO-RENAISSANCE, MODERNE BOUWKUNST. iS

koepel boven de salie des pas perdus, al rust hij ook op verborgen ijzer-constructies, een machtigen indruk maakt. Italiaansche-Laat-Renaissance, Grieksche en Oostersche motieven zijn hier verwerkt tot een monument, dat getuigt van het krachtige streven van België's hoofdstad in dezen tijd.

Modern, eenvoudig en rationeel zijn de woonhuizen van Victor Horta. Van de vele is te noemen het huis Rue de Fig. 1029 Turin (1892) dat een zeer eigen karakter draagt. Henry van de Velde, die in Duitschland leeraar werd, is bekend om zijn meubelen en decoraties in den, in misprijzenden zin bedoelden z.g. vermicelli-stijl. Ook Paul Hankar bouwt te Brussel huizen; vooral dat van de familie Janssens in de Rue de Flacqx is vermeldenswaard.

.Anfioerpen. Van de hier gebouwde kerken is belangrijk de St. Georgekerk (1853) door F. Fr. Suys, ia Gothischen, en de St. Michaël- en Pieterskerk, door J. van Dijk in Romaanschen stijl.

Joseph L. Schadde ("f 1894) is de bouwmeester van de Beurs (1872) in Laat-Gothische vormen; zeer geslaagd is de groote zaal, met ijzeren kapconstructie. Het in hetzelfde jaar voltooide Vlaamsche theater, door M. Dens, vertoont evenwel, naast Fransche, ook Vlaamsche Hoog-Renaissance

details,terwijl het Paleis van Justitie (1875), door Louis Baeckelman in Fransch-barokken-stijlis gehouden. Fig. 1026. j In 1880 bouwde Beyaert de Nationale Bank; spreekt hieraan weer hoofdzakelijk de Vlaamsche Renaissance, zoo blijkt ook aan het Nieuwe Museum (1890) door J. J. Winders en J. van Dijk, dat het klassicisme nog aanhangers heeft behouden.

Anderlecht. Het raadhuis is een Renaissance bouw van Van IJsendijck.

Brugge. Schadde bouwt hier in 1877 in Vroeg-Gothischen stijl het Station; dat te Doornik, door Beyaert, is Vlaamsch. Poelaert bouwt te Laeken de Mariakerk. Ten slotte noemen we nog het Badhuis te Ostende (1878), door Lauwereinz en Naert, en dat te Spa, door Suys.

NEDERLAND.

Op het klassicisme volgt in ons land ook de Neo-Romantiek en Gothiek. De groote vertegenwoordiger van deze richting was Dr. P.J. H. Cuypers (1827—1921), met zijn hoofdwerk het Rijksmuseum. Ook in het buitenland werd, bij de restauratie van kerken, zijn advies gevraagd (Aken, Darmstadt, Freiburg, Keulen, Oppenheim en Straatsburg), terwijlhij bouwde in België, Duitschland en Zweden. Hoewel de Neo-Romantiek weinig navolging vond in de burgerlijke bouwkunst, was Cuypers' invloed toch een zeer groote, in zoover dat een terugkeer naar het oud-vaderlandsche materiaal, de baksteen, plaats vond. Evenwel in den geest van de 16e en 17e eeuwsche Renaissance, in aansluiting dus bij den bloeitijd van onze nationale kunst. Daar echter de juiste verhouding van het gebruik van bak- en natuursteen te

Fig. 1029. Trappenhuis. Rue de Turin 12, te Brussel.

Sluiten