is toegevoegd aan uw favorieten.

Bob's groote dag

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

14

laten we samen verder gaan zoeken." En hand en hand huppelen ze verder.

„Kijk eens, onder de kanapée, lacht daar iemand?"

Bob gaat voorover op den grond liggen en roept, „ja, ja, daar zie ik Piet." Piet krabbelt, gierend van pret onder de kanapee uit.

„Dag, daag," lacht Piet, „ik feliciteer je wel."

„O, wat leuk, ben jij ook hier, ben jij hier ook?" juicht Bob.

„Ja," lacht Piet, „we zijn met den trein gekomen, en — enne."

Leen trekt Piet aan zijn buisje, bijna zou hij iets vertellen, dat niet mocht.

„Zullen we verder zoeken?" vraagt Leni weer.

„Ja, laten we dat doen!" juicht Piet, en dansend en springend en zingend gaan alle drie de gang door naar boven.

„Waar zou Vader zijn?" En meteen kijkt Bob in de kleerkast.

„O, o daar staan Frans en Matti, Frans en Matti," roept hij. „Kijk daar staan ze, daar staan Ze, en opgewonden trekt hij beiden juichend naar zich toe. Mat en Frans hebben niet minder pleizier dan de kleine jarige Bobbie.