Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

„Waarom zucht u, ma ? Verlangt u er zoo naar, mij kwijt te zijn?"

„Wel nee, kind, dat weet je wel beter, maar 't doet een moeder altijd goed, te weten, dat haar kind verzorgd is."

Mevrouw van Meersen had nooit voor hare dochters een ander levensdoel gezien, dan een goed huwelijk, zoo rijk en voornaam mogelijk.

Emma was geheel naar haar zin getrouwd; van Voorten was wel slechts ontvanger, doch rijk en van goede familie; maar Willy — voor haar vreesde mevrouw wel eens. Willy scheen zoo heel anders, haar gedachtenkring breidde zich ver uit, ze verlangde zooveel van het leven in sommige opzichten, zoo weinig in andere. Ze had al twee aanzoeken afgeslagen van werkelijk goede partijen ; mevrouw maakte zich wel eens ongerust, dat het kind nog eens eene dwaasheid zou begaan, en ze vroeg zich af, van wie Willy die geëxalteerde denkbeelden toch kon hebben. Ze waren haar niet van buiten-af aangebracht; ze had precies dezelfde opvoeding gehad als Emma; het was dus een karaktertrek, dien ze zeker niet van hare moeder had.

Maar evenmin van haren vader; die was een droge man van zaken, zonder meer; zoo had mevrouw ten minste altijd haren man beschouwd, zonder zich ooit af te vragen, of hij misschien nog diepten in zijn karakter had, die zij niet kende, omdat ze nooit moeite had gedaan, ze të ontdekken.

Het bal in de Harmonie werd gegeven door den burgemeester, den heer Opfers, om de verloving te vieren van zijne dochter Lize met van Marle, een jong arts.

Sluiten