Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

wachtte ze zijn komst, hare handen open om zijne gaven te ontvangen.

„Maar kind, hoe verzin je 't, om nu te gaan tennissen? Je zult stikken!" riep Mevrouw van Meersen uit, toen Willy met haar racket in de hand onder de veranda kwam.

Willy lachte. „Kom mama, ik heb niets geen last van de warmte en het ergste is nu ook voorbij; over een half uur merken we op de tennisbaan niets meer van de zon."

„Maar er zal niemand komen."

„O jawel!" Ze bloosde even. „We hebben allen beloofd te komen, en als we geen zin meer hebben, of 't wordt te donker, gaan we roeien; dan frisschen we meteen weer op."

„Pas dan maar op voor kou vatten met dat dunne ding aan," zei de notaris van achter zijn courant.

„Nee maar, nu nog mooier 1 Ma is bang voor stikken en u voor bevriezen! Nu, ik beloof, dat ik geen van beide doen zal. Tegen het bevriezen neem ik dit doekje mee; 't kan soms koud worden op 't water."

„Wie gaan mee roeien?" -

„Lize en van Marle en Marie Staalbeek en Anne Overman en Willem Stennen, en..."

„Wardorf ook?"

Weer de teere blos op Willy's wangen.

„Ja, hij zou voor bootjes zorgen."

„Hoe bevalt Wardorf jou?" vroeg mevrouw aan haar man, toen Willy weg was.

„Heel goed, geloof ik," antwoordde de heer van Meersen, met oogen en gedachten in zijne courant.

Sluiten