Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Mevrouw van Meersen gaf 't nog niet op.

„Is Wardorf er in betrokken?"

Willy keek hare moeder aan; hare oogen heel donker, met den violetten schijn. Ze deed haar best kalm te spreken.

„Ja, Wardorf is er in betrokken; hij komt om tien uur om me te spreken; mag ik dan een oogenblik alleen met hem zijn in 't salon?"

Mevrouw glimlachte verrast.

„Zal je verdriet dan over zijn?" vroeg ze haastig. „Wat komt hij doen?"

„Afscheid nemen."

„Wat? Och kom, dat kan immers niet. Hij heeft toch niet al dien tijd met je geflirt?" Willy kleurde.

„Nee, dat heeft hij niet; hij meende 't ernstig, maar ik heb hem bedankt."

Mevrouw zweeg een oogenblik, te verbaasd om dadelijk meer te vragen; ze begreep er niets van.

Willy deed haar best, hare kalmte te herkrijgen; het had haas zoo'n pijn gedaan, die woorden uit te spreken.... ze moest nog krachten bewaren voor haar gesprek met George.

„Toe mama," begon ze weer na een oogenblik, „vraag me nu niet meer; ik kan u toch niets meer zeggen."

Mevrouw werd boos.

„Je bent zoo onverstandig als niemand anders," zei ze scherp; „je weet niet, wat je doet, geloof ik. Je laat Wardorf een blauwtje loopen, maakt hem natuurlijk ongelukkig, en zelf zie je er uit of je 't grootste verdriet der wereld is overkomen. Ik zou je ten minste raden, je nog maar eens goed te bedenken, of je werkelijk wilt, dat hij afscheid komt nemen. Wie weet om wat voor

Sluiten