Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

En toen zaten ze weer stil, tot mevrouw binnenkwam.

Twee dagen later zat Willy ip den trein; ze keek naar Boschvoort, dat' langzaam verdween achter de boomen.

Ze spoorde langs het bosch, en dacht aan hare eerste ontmoeting met George; wat had zij zich toen vroolijk gevoeld, en jong en verlangend naar het leven. Nu was het leven tot haar gekomen en had dadelijk hare jeugd op de vlucht gedreven met hare mooiste illusies. Dat was de gedachte, die haar telkens week maakte; ze sloot de oogen om hare tranen te verbergen voor hare medereizigers.

Emma en Eduard waren blij met Willy's komst; het bracht een afwisseling in hun samenzijn; ze zouden er niet zoo licht toe komen, elkaar een hatelijkheid of een hard woord toe te voegen, wat ze nu onwillekeurig telkens deden.

Ze waren beide van nature kalm, hadden een afkeer van alles, wat naar opwinding of een scène zweemde, maar 't kostte hun nu toch eenige moeide, zichzelve weer te vinden na de catastrofe die hun rust bedreigd had en de laatste warmte had weggenomen uit hun samenleven.

Eduard had het ongeluk lang zien aankomen; hij had verliezen geleden, waardoor hunne levenswijs te kostbaar werd voor zijne middelen; toch had hij er Emma nooit over willen spreken uit een soort koppige overtuiging, dat 'tnog wel terecht zou komen, en hij hield er niet van, zijne vrouw zich'met de zaken te laten bemoeien, als 'tniet noodig was; Emma had dat trouwens nooit verlangd.

Daarbij was hij bang, dat ze van hem eischen

Sluiten