Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Ze moesten natuurlijk goedkooper gaan wonen; in een kleiner huis zou hij waarschijnlijk geen biljartkamer kunnen hebben; dat was al een offer van zijn kant, waar hij telkens van sprak om zijn geweten tevreden te stellen.

Emma begreep hem; toen hij weer sprak van de biljartkamer zei ze als in gedachte; „Ja, een boudoirtje zal er voor mij ook niet meer op overschieten en de kinderen zullen zich met eene kleine speelkamer moeten behelpen."

„O ja, natuurlijk, maar je weet hoe ik op de biljartkamer gesteld ben."

Zoo waren er telkens kleine woordenwisselingen, vóór ze met zichzelf en elkaar weer in 't gelijk waren; ze verlangden er beiden hartelijk naar, en hoopten, dat Willy helpen zou door hare vroolijkheid en kleine plagerijen.

XI.

Van Voorten haalde Willy van den trein; hij begroette haar hartelijk, gewoon-vroolijk, alsof er niets gebeurd was, antwoordde vluchtig op hare vragen naar Emma en de kinderen, en begon toen dadelijk druk te praten over het te laat komen van den trein en de warmte van de laatste dagen, alsof hij bang was, dat Willy de geldkwestie aan zou roeren; dat moest ze straks maar doen, alleen met Emma, vond hij.

„Hé," zei hij, plotseling zichzelf in de rede vallend, „verleden jaar om dezen tijd kwam je ook zoowat."

„Dat was vroeger in Augustus."

Sluiten