Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

onder de bonte muts lange blonde krullen en een frisch fijn gezichtje.

„Dag moesl we hebben een nieuw leesboek gekregen!"

„Zoo? dat is heerlijk; laat eens gauw kijken."

Mevrouws stem was liefelijk-helder van klank, prettig om aan te hooren door zijn fijne beschaving, haar toon vol belangstelling.

Rustig werd het naaiwerk weggelegd, Marietjes boekje bekeken, de plaatjes besproken.

Marietje was haar jongste, pas zeven jaar; Nimfje, zooals de broers haar noemden, groote jongens van veertien, vijftien en zeventien jaar.

„WanneerkomtWillynu?"vroegMarietjeineens.

„Straks, over een half uurtje zoo wat."

„Dan zal ik bloempjes op haar kamer zetten, moes. Louis heeft gezegd, dat er sneeuwklokjes in den tuin zijn."

„Ja? Dat zou al heel vroeg zijn."

„Mag ik gaan kijken?"

„Zeker; ga maar gauw."

Marietje huppelde weg; mevrouw nam haar naaiwerk weer, werkte rustig voort.

Een oogenblik later kwamen de twee jongste jongens thuis. Frans, donker, met de trekken zijner moeder, Louis blond, breed en stevig gebouwd.

Ze begroetten hunne moeder, even maar, met een enkel woord, toch zonder nonchalance.

„Kijk eens, moeder, we hebben viooltjes gekocht voor u en omdat Willy komt."

Mevrouw nam de bloemen aan, even opsnuivend den geur. „Dank je wel, jongens; 't is hef van jelui bedacht. Ik zal ze in 't blauwe vaasje zetten, hier op tafel."

Ze stond op om 't vaasje te krijgen, altijd met die

Sluiten