Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

zelf bedacht, maar dat mag ook wel. We zijn allemaal blij, dat je hier bent. Je papa schreef, dat je graag bezigheid wou hebben: je zult eens zien, hoeveel je hier doen kunt. — Verfrisch je eerst een beetje; daar staat je koffer; ik ga vast beneden thee zetten. Je zult wel trek in iets hebben en we eten pas om zes uur."

Willy bleef alleen; zij ging even zitten in een laag stoeltje, en staarde naar buiten, waar de dag wegstierf; ze voelde zich prettig warm door de ontvangst, die ze toch zoo verwacht had na den brief van mevrouw Dryfel aan haar vader.

Ze keek de kamer rond; de libellen en irissen op 't behang deden haar in eens denken aan haar baltoilet op dien avond, toen Rudolf Schepers haar gevraagd had. Wat scheen haar dat oneindig lang geleden, veel langer dan een jaar, zooals't in werkelijkheid maar was. Een geheel zieleleven lag daartusschen; toen was ze nog jong, naïef geloovend in 't mooie van het leven; ze was nu zooveel ouder geworden en verstandiger. Toch, wat was ze toen gelukkig geweest, hoe mooi was het ideaal van liefde dat den volgenden morgen in haar opleefde. Dat ideaal had ze nog, maar ze had nu geleerd, dat het leven de verwezenlijking ervan niet geeft.

Ze stond plotseling op, ongeduldig om hare gedachten. Ze wilde nu zien op wat vóór haar lag. Ze was hier welkom, ze kon werk vinden; het was of ze opnieuw het leven ging beginnen, wel niet zoo blijverwachtend als vroeger, maar toch met opgewektheid en kracht tot werken. Ze zou niet rusten vóór ze geleerd had tevreden te zijn, ook zonder het mooie geluk, dat ze alleen in verbeelding bezeten had.

Beneden vond ze de familie bijeen in de huiskamer,

Sluiten