Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

is aan de Rotterdamsche Bank en hij een ernstig man is, te goeder naam en faam bekend:

„Amsterdam, 21 Nov. 1918.

„HoogedelQestr. Heer. „ „Met deze neem ik de vrijheid onder uwe aandacht te brengen het navolgende..

„Het is mij bekend, dat op Donderdag 14 November jl. door den heer D. Wijnkoop, ten kantore van de Rotterdamsche Bankvereeniging, alhier, in ontvangst is genomen een bedrag van zestig duizend gulden.

„Dfe heer Wijnkoop was in gezelschap van een Rus of Duitscher, althans van..een Duitsch sprekend persoon, aan wiens order de chèque was gesteld en aan wien het bedrag ook is uitbetaald geworden. Onmiddellijk na de uitbetaling overhandigde deze het geld aan W., met de woorden: „Herr Wijnkoop, stecken Sie nur das Qeld in Ihre Tasche, es ist doch für Sie."

„Deze iiüiehtingen werden door beambten der Rotterdamsche Bankvereeniging verstrekt.

„Het geval lijkt mij, in verband met de ontkenning van den heer v. d. Tempel, dat n. 1. internationaal overleg zou zijn gepleegd inzake de revolutionnaire beweging hier te lande, van zooveel belang, dat ik mij verplicht acht, u hiermede in kennis te moeten stellen." " Het dagblad „De Telegraaf" heeft zich naar aanleiding dezer mededeeling tot Wijnkoop gewend, die op een desbetreffende vraag verklaarde, „dat noch voor hem persoonlijk, noch ten bate van de S. D. P. buitenlandsch geld was aanvaard." Omtrent de in de brochure van den heer Bomans genoemde feiten wenschte de heer Wijnkoop geen nadere verklaringen af te leggen.

„Het Vaderland" noemde de verklaring van Wijnkoop terecht onvoldoende en schreef:

„In de eerste plaats wordt dus toegegeven, dat de ƒ 60,000, en wij leggen er nogmaals den nadruk op, dat dit voor den heer Wijnkoop een reuzenbedrag is, werd ontvangen. Maar al wordt ontkend, dat dit niet voor hem persoonlijk is of voor de S. D. P. als partij, de mogelijkheid en waarschijnlijkheid blijft bestaan, dat deze gelden bestemd waren om den heer Wijnkoop per-

Sluiten