Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

EERSTE HOOFDSTUK.

De Geschiedenis der Levensverzekering en kort overzicht van den tegenwoordigen toestand.

Een der eerste kenteekenen, die het toenemen der beschaving van elk volk aanduiden, is overal en ten allen tijde geweest: de vermeerdering van maatregelen van voorzorg tegen schadelijke invloeden, d. w. z. het uitbreiden van het denkbeeld van verzekering. Want verzekering is voorzorg.

De mensch in den natuurstaat, die zich met dierenhuiden bedekt om tegen regen en wind beveiligd te zijn, begaat een daad van voorzorg: feitelijk verzekert hij zich tegen de lichamelijke ongemakken, die eruit zouden voortvloeien, indien hij onbeschut moest blijven. Weldra verlaat hij zijne vochtige spelonken om zich een huis te bouwen, dat hem warmte en droogte schenkt; hij grondvest zich een familieleven, en daarmede ontstaat eerst recht de behoefte aan voorzorg. In het gunstige jaargetijde gaan de mannen ter jacht en ter vischvangst, en wanneer het geschoten wild en de gevangen visch te veel blijken voor de dagelijksche behoeften van hun gezin, wordt het overgeblevene gedroogd en bewaard, totdat er minder gunstige dagen aanbreken, waarin de vangst minder overvloedig zal zijn; óf het te veel wordt bij anderen geruild tegen melk, tegen gerstedrank of iets anders, waarvan men zelf te weinig heeft: alles maatregelen van voorzorg, alles het zich verzekeren tegen koude, tegen honger en tegen gebrek aan voedsel. De beschaving neemt toe; het ■"uilen houdt op: men heeft een ruilmiddel aangenomen. De producten Van jacht en vischvangst, die te veel zijn voor den man en zijn gezin, worden in dat ruilmiddel omgezet; daarvoor kan hij zich melk, brood, kleeren aanschaffen, al naarmate zulks noodig blijkt; blijft er van het 'uilmiddel over, later kan het te pas komen. Het wordt dus bewaard.

1

Sluiten