Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Miskenning van don arbeid van Do Witt en Hallev

de voortreffelijkheden van den man, die op dit gebied de evenknie van Johan de Witt genoemd kan worden, van den beroemden Dr. Halley. Reeds had op het einde der 17e eeuw in Duitschland een Theolog, Neumann genaamd, zeer belangrijke waarnemingen gedaan op het punt van geboorte en sterfte. Met ijzeren geduld en taaie volharding bestudeerde fleze volijverige statisticus de sterfte-registers der stad Breslau, en wel die van de jaren 1687 tot 1691. Hij vond daarin melding gemaakt van niet minder dan 5869sterfgevallen, en zag niet tegen den arbeid op, deze systematisch naar ouderdom en geslacht te groepeeren, waardoor hij een zeer belangrijke bijdrage leverde tot de toenmalige kennis der sterfte-statistiek. Zijne studiën maakten dan ook in de geleerde wereld van die dagen een niet geringen opgang, zóózeer zelfs, dat de Koninklijke Academie van Wetenschappen te London, aan welke Nêumann het door hem verzamelde materiaal toegezonden had, dit aan den toen reeds bekenden Dr. Halley ter hand stelde, met de opdracht het zóódanig om te werken en aan te vullen, dat het ook voor de practijk bruikbaar worden zoude. Dit was de directe aanleiding tot Halley's werkzaamheid op dit gebied en tot het samenstellen van zijn thans nog beroemde sterftetajel — beroemd, omdat zij de eerste volledige en wetenschappelijke tafel geweest is. Het kon wel niet anders dan dat aan deze eerste proeve nog vele gebreken kleefden, en dat zij zelfs verre van nauwkeurig was. Het aantal waarnemingen van Neumann was nog niet talrijk genoeg om er zeer vertrouwbare regels uit te kunnen afleiden. Het resultaat was dan ook, dat de door Halley gevonden sterfte grooter was dan de werkelijke. Dit neemt echter niet weg, dat zijn tafel meer verdiensten heeft en nauwkeuriger is dan menige andere, later samengestelde.

Opmerkelijk mag het heeten, dat én de arbeid van Johan de Witt én die van Halley eerst later de waardeering vond, waarop hij aanspraak mocht maken. De plannen van onzen Raadpensionaris werden grootendeels verijdeld door de gebeurtenissen van het ongeluksjaar 1672, die mede aanleiding gaven tot den tragischen moord der beide De Witten. Het werk „Waardije van Lijfrenten naar proportie van Losrenten" gold zelfs langen tijd voor verlorenen, en is eerst in den laatsten tijd door reproductie in handen van velen gekomen. Geen wonder, wanneer men bedenkt, dat het in den vorm van een Memorie aan de Staten geschreven werd, zoodat de oplage slechts zeer beperkt was.

Wat Halley betreft, diens sterftetafel werd nog lang na zijn dood als „quantité négligeable" beschouwd, en zijne tijdgenooten schonken daar-

2

Sluiten