Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

en coulant mogelijk te regelen, — wederom het belang der verzekerden !

Maar nu doet zich dikwijls het geval voor, óf dat de verzekerden of candidaat-verzekerden onmogelijk in te willigen eischen stellen, óf dat zij het beter meenen te weten dan de Directie en iets in hun belang achten, dat lijnrecht daarmede in strijd is. Voorbeelden zijn gemakkelijk te vinden. Wanneer iemand genoodzaakt is, zijn verzekering te laten loopen, en alle betaalde premiën terug verlangt (zulke zonderlinge eischen komen in de practijk voor!), dan verlangt hij iets onmogelijks, en kan de Maatschappij hem niet tegemoet komen, hoe gaarne zij dat ook zou willen. Wanneer iemand in de polis vermeld wenscht te zien, dat het verzekerde kapitaal moet uitgekeerd worden aan „daarop rechthebbenden", zullen vele Maatschappijen hem erop wijzen, dat Hij daarmede iets onverstandigs doet. Want het kan bij zijn dood moeite kosten vast te stellen, wie de rechthebbenden zijn, ja zelfs processen kunnen daarvan het gevolg worden! En zoolang dit punt niet definitief is uitgemaakt, ondervindt de uitkeering van het verzekerde kapitaal vertraging. Men zou denken, dat een aanstaande verzekerde daarom den raad, om den begunstigde meer te preciseeren, dankbaar aanvaarden zou. Maar in negen van de tien gevallen is het omgekeerde waar, en zoekt men achter dien raad, door de Maatschappij gegeven, het een of ander middeltje, om zich van de uitkeering af te maken. In het algemeen toch schijnt men zich het recht toe te kennen, de Directiën van Levensverzekering-Maatschappijen, meer dan anderen, van kwade bedoelingen te verdenken. Men houdt dus vast aan het woord: „rechthebbenden", en blijft de Maatschappij zwarigheden maken, dan heet zij „incöulant". De verzekerde weet toch beter dan de Maatschappij, wat er in de polis staan moet! (?)

In deze en dergelijke gevallen is het de taak van den Agent, die zijn betrekking naar behooren vervult, aan het publiek het standpunt zijner Maatschappij duidelijk te maken, en aan te toonen, dat een goede Maatschappij in de allereerste plaats de belangen harer verzekerden behoort voor te staan, al was het alleen maar, omdat zij daardoor tevens hare eigene belangen het best dient. Zoover zij in deze gaan kan, gaat zij ook zeker.

Wil de Agent in zulk een geval zijn taak behoorlijk vervullen, dan is het echter in de eerste plaats noodig, dat hijzelf overtuigd zij van het goede inzicht zijner Directie. Niet zelden ziet men, dat personen,

Eigenwijze Agenten.

Sluiten