Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

en het boek verlangt te koopen, doch onder aftrek van de provisie, die aan den boekhandelaar pleegt te worden uitgekeerd, dan zal men hem hartelijk uitlachen: de prijs voor het publiek is zóó en zóóveel, niets meer en niets minder! En het publiek begrijpt dit zóó goed, dat een verlangen als het zooeven onderstelde wel zelden geuit zal worden.

Wanneer het echter het sluiten eener levensverzekering betreft, denkt het publiek geheel anders, Tioewel de zaak in den grond volkomen dezelfde is. De Levensverzekering-Maatschappij staat gelijk met den uitgever, de Agent met den boekhandelaar. De tarieven wijzen voor elke verzekering den bepaalden prijs aan; dezen heeft het publiek te betalen, en hij behoort dezelfde te zijn, wanneer men zich direct tot de Maatschappij, als wanneer men zich tot een harer Agenten wendt. Dikwijls echter hoort men de meening verkondigen, dat in het eerstgenoemde geval de Maatschappij zeer goed de provisie aan den verzekerde uitkeeren kan. Doet zij dat niet, zij zou het bedrag der provisie ongemotiveerd in haar kas houden — zoo redeneert men —, want bij het vaststellen der premie is erop gerekend, dat de provisie betaald moet worden. Ook de uitgever heeft bij het vaststellen van den prijs voor zijn nieuwverschenen boek op de provisie voor den boekhandelaar gerekend: toch pleegt het publiek er niets bijzonders in te zien, dat hij denzelfden prijs verlangt, zoo men zich direct tot hem wendt.

Het uitkeeren van provisie aan niet-Agenten, in de eerste plaats aan hen, die zich verzekeren, is intusschen voor de goede organisatie eener Levensverzekering-Maatschappij hoogst gevaarlijk, omdat deze maatregel ertoe leiden kan, dat zij hare Agenten van zich vervreemdt, terwijl bovendien — wat nog erger is — de geheele Agentenstand erdoor benadeeld wordt. Helaas, dat niet alle Maatschappijen dit schijnen in te zien!

Wanneer een Agent misschien langen tijd met een verzekeriiigscandidaat onderhandeld heeft, wanneer hij een groot deel van zijn tijd en arbeid besteed heeft aan het tot stand brengen van die verzekering, en wanneer dan zijn candidaat, door zich direct tot de Maatschappij te wenden, hem de hem voor zijn arbeid toekomende provisie onthouden kan om die zelf te genieten, dan heeft de Agent volkomen het recht, aan zijn Directie een groote onrechtvaardigheid te verwijten. En die Directie moet er zich niet over verwonderen, wanneer zij voortaan in hem slechts een lauwen vriend bezit, die geneigd is, zijne diensten

Sluiten