Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

door de een of andere omstandigheid in gevaar, dan zal de Maatschappij bij den makelaar meestal slechts weinig hulp kunnen vinden bij hare pogingen, den post te behouden. Een flink Agent, die hart voor zijn Maatschappij heeft, zet in zulk een geval alle zeilen bij, om de verzekering in stand te houden; hij schuwt tijd noch moeite en maakt er een eerezaak van, in zijne pogingen te slagen. Maar van den makelaar, die zijne gunsten over verschillende Maatschappijen gelijkelijk verdeelt, kan en mag men niet voor één van die velen zóóveel warme toewijding verlangen, dat hij zich voor het behoud van een luttel incasseerloon de groote moeite getroost, die de Agent zich gaarne geeft ter wille van de Maatschappij, met welke hij zich één gevoelt. Zoo staan dan de door de makelaars afgesloten posten in hoogere mate bloot aan schadelijke invloeden van buiten (ook aan de aanvallen eener oneerlijke concurrentie) dan de verzekeringen door Agenten aangebracht. En terwijl den makelaar het bericht, dat een door hem afgesloten verzekering door de machinatiën der concurrentie naar een andere Maatschappij werd overgebracht, wel onaangenaam treffen, doch zelden tot groote krachtsinspanning om haar te behouden, aansporen zal, zal de Agent zich daarover niet alleen warm maken, maar ook met nadruk opkomen voor de belangen van zijn Maatschappij en zijn Directie.

Daarom is de medewerking van een goed Agent voor een Maatschappij meer waard dan die van een makelaar, die, hoe eerlijk, achtenswaardig en welmeenend ook, uit den aard zijner betrekking toch nooit meer dan een halve bondgenoot kan zijn, die lauwe vriendschap schenkt.

Daarom is ook de makelaardij op het gebied der Levensverzekering niet altijd in het belang van het publiek; want het ongemotiveerd overgaan van de eene Maatschappij naar de andere is per se schadelijk, zooals ik later nog in de gelegenheid zijn zal uitvoerig aan te toonen1). En dat juist werkt de makelaardij in de hand.

Het spreekt vanzelf, dat alles, wat ik omtrent dit onderwerp gezegd heb, een algemeen karakter draagt. Er zijn makelaars, die meer en beter werken dan menig Agent, en die zich voor het behoud van eenmaal afgesloten posten gaarne groote moeite getroosten. Maar wat ik omtrent den algemeenen invloed van het makelaarsbedrijf op de Levensverzekering zeide, blijft m. i. niettemin waar.

') Zie Elfde Hoofdstuk, I, „Gevolgen van liet uitspannen voor hei publiek."

Sluiten