Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

. Verwarring "I'internationaal gebied.

groote aantrekkingskracht hebben, omdat het 't toezicht zoo gemakkelijk maakt. Alle Maatschappijen over één kam te scheren, is het ideaal van den Staatsambtenaar. Hij heeft dan zijn vaste instructie, waaraan hij zich door dik en dun houden kan; de — speciaal voor het commissoriaal toezicht — bijna onmogelijke taak om zich in het beheer van elke Maatschappij afzonderlijk in te werken, komt erdoor te vervallen. Voor alle precies dezelfde voorschriften! Of men, door b. v. het berekenen der reserve met netto-premie verplichtend voor alle ondernemingen te stellen, pas-opgerichte ondernemingen in haar operatiën belemmert en ze daardoor tegenover oude en reeds geconsolideerde Maatschappijen in ongunstige conditie brengt; of men, in het algemeen, door met de bizondere inrichting en behoeften van elke onderneming niet de minste rekening te houden, menige Maatschappij volkomen onnoodig tot doelloozen arbeid en onnoodige kosten drijft ... dit alles telt niet mede in de oogen van den Ambtenaar. Hij houdt zich aan zijn instructie ... de gevolgen raken hem niet.

Bij dit zeer protectionistische „gelijkheidsprincipe" heeft men het echter niet gelaten. Gelijk hij de oude Grieken oi /3«o/3aoot, de vreemdelingen, als minderwaardige, ruwe en onbeschaafde wezens (barbaren) werden veracht, zoo schijnen in onze tijden de moderne Wetgevers het geheele buitenland als één barbaarsch geheel te beschouwen, waar men de belangen van het verzekerde publiek met voeten treedt. Want wel verre van te vragen of in het land, waar de Maatschappij haar zetel heeft, een behoorlijke wettelijke regeling van contract en bedrijf bestaat, eischt elke toezicht-houdende Regeering onderwerping aan hare voorschriften, die zij blijkbaar de alleen-zaligmakende acht. En — zelfs al is eene vreemde Maatschappij toegelaten — dan nóg zweeft haar steeds de mogelijkheid boven het hoofd, zich de concessie zonder opgave van redenen en zonder schadevergoeding te zien onttrekken. Het gaat haar als den „§aq§uqoi" in de Oudheid: rechtszekerheid bestaat niet voor haar.

Zoo valt dan het merkwaardige feit te constateeren, dat, waar geen bedrijf zóó geschikt is tot een internationaal bedrijf gemaakt te worden, er op het gebied der internationale betrekkingen juist in het Levensverzekeringsbedrijf een hopelooze verwarring heerscht, teweeggebracht door de bekrompen nationale opvattingen der toezicht-houdende Regeeringen. Elk dezer houdt er hare speciale voorschriften op na omtrent de wijze van berekening der reserve, der afkoopsommen, der vrije-poliswaarden, omtrent geoorloofde of niet geoorloofde geldbeleggingen,

Sluiten