Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

van net hart tegen den thans reeds sinds jaren bestaanden toestand, waarbij men ten onzent van binnenlandsche Maatschappijen zekere

formaliteiten verlangt, terwijl buitenlandsche komen, zien en aan

't werk kunnen gaan. Ja, men vraagt zelfs niet naar de bewijzen, dat die buitenlandsche ondernemingen in de landen, waar zij thuis behooren, inderdaad wettig bestaan! Deze verschillende behandeling van het buitenland en het binnenland is stuitend en moet, hoe eer hoe beter, ophouden.

De volkomen anarchie, die op het gebied der Levensverzekering heerscht, zou ten onzent de deur hebben kunnen openen voor allerlei misbruiken. Dit is intusschen niet het geval geweest. Hoewel geen Wet haar daartoe dwong, hebben de Maatschappijen — op zeer enkele uitzonderingen na — zichzelven de plicht opgelegd, jaarlijks uitvoerige Verslagen te publiceeren, waaruit haar toestand, naar het oordeel harer Directiën, duidelijk blijkt. Het gemis aan wettelijke voorschriften doet zich echter duidelijk gevoelen in de weinige eenvormigheid, welke in deze Verslagen heerscht. Niet alle Directiën hebben in deze dezelfde inzichten, en de eene publiceert datgene wat de andere minder geschikt voor publicatie acht, en omgekeerd. Een juiste vergelijking van den toestand der verschillende Maatschappijen onderling wordt daardoor zoo goed als onmogelijk; onjuiste voorstellingen en vergelijkingen daarentegen worden erdoor in de hand gewerkt, en in alles, wat de onderlinge vergelijking betreft, tast ons publiek nog grootendeels in het duister rond. Het spreekt vanzelf, dat deze toestand niet bevorderlijk is voor eigen onderzoek en eigen studie, en dat de opvoedende kracht, welke van die in zoovele verschillende vormen gegoten Verslagen uitgaat, al zeer gering is. Waar de Maatschappijen zóóveel uitéénloopends geven, kan het niet anders, of zoowel de Nederlandsche pers als het Nederlandsche publiek moet in twijfel geraken omtrent de factoren die voor een juiste beoordeeling noodig zijn. Zij geven begrijpelijker wijze het onderzoek op, omdat het tóch onmogelijk is, „uit al die Verslagen wijs te worden", en zoo wordt onverschilligheid gekweekt daar, waar warme belangstelling zoozeer noodig is. Hoe geheel anders zoude het zijn, wanneer de Wet voorschreef, dat al die Verslagen in denzelfden vorm verschijnen moesten; hoezeer zoude dit het onderzoek vergemakkelijken en het opvoedende proces bevorderen, dat thans in Engeland in vollen gang is.

Het spreekt vanzelf, dat de afwezigheid van een dergelijk voorschrift in de eerste plaats voor de Maatschappijen zeiven nadeelig is. Immers

Gevolgen der marehie.

Sluiten