Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

van

»f-

van

ing-

Ovetdracht yan tte kWaiiteit van

verzekeringnemer.

den begunstigde, zoo deze, door het recht op de uitkeering uitdrukkelijk aan te nemen, zich op de zooeven beschreven wijze een onherroepelijk recht verworven heeft, voor dien afkoop tot een volstrekt vereischte te maken. Immers dat recht zou anders volkomen illusoir zijn, doordat den verzekeringnemer de bevoegdheid bleef, zonder medewerking van den begunstigde, de polis te doen afkoopen en daarmede elke uitkeering te verijdelen. Deze beperking van het recht van afkoop van den verzekeringnemer kan echter geenszins bewijzen, dat hij dat recht verloren heeft. Integendeel, dit blijft aan zijn persoon verbonden, niettegenstaande de in-de-plaats-stelling of het endossement.

Evenmin brengt het endossement eenige verandering met zich in de persoon, die de premie te betalen heeft. De verzekeringnemer is en blijft, ook na in-de-plaats-stelling of endossement, verzekeringnemer, en zelfs wanneer de premiebetaling door hem gestaakt en door den „geëndosseerde" voortgezet mocht worden — wat dikwijls voorkomt —, behooren de premie-kwitantiën nog steeds op naam van den verzekeringnemer gesteld te wórden.

Voor 't geval een verzekeringnemer van al zijne rechten, dus ook van het recht van afkoop, ten behoeve van den begunstigde, dien hij reeds als den rechthebbende op de toekomstige uitkeering heeft aangewezen, wil afstand doen, is het rationeel, dat, mèt al zijne rechten, ook de voorwaarde overgaat, die vervuld moet worden om die rechten te behouden, n.1. de voorwaarde der premiebetaling. Feitelijk wordt de begunstigde of geëndosseerde daardoor, tegenover de Maatschappij, verzekeringnemer, en moet er dus overdracht van het contractantschap plaats hebben. Volgens de regelen van ons Nederlandsen Recht is daartoe een enkele brief van den verzekeringnemer niet voldoend. Het is dan de beste weg, een contract in drie exemplaren te doen opmaken tusschen den tegenwoordigen en den toekomstigen verzekeringnemer en de Maatschappij, waarbij zij allen overeenkomen omtrent de verandering in de persoon van den verzekeringnemer. In dat geval staat de vervulling van de voorwaarde der premiebetaling aan den nieuwen verzekeringnemer. En al is het niet uitgesloten, dat de vroegere verzekeringnemer zijn opvolger tot de premiebetaling in staat stelt, tegenover de Maatschappij heeft de nieuwe verzekeringnemer, mèt zijne rechten, ook de vervulling der bedoelde voorwaarde op zich genomen, en de kwitantiën moeten ook op zijn naam gesteld worden.

Sluiten