Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

posten, die door uitspannen verkregen zijn, en late het niet alleen bij deze verzekering in woorden, doch toone ook door daden, dat het haar volle ernst is, haar principe in deze te handhaven. Wanneer zij vermoedt, dat een bij haar ingediende aanvrage het gevolg is van uitspannen, onderzoeke zij de zaak nauwkeurig en vrage haren Agent op den man af, op welke wijze die post is afgesloten. Het komt wel eens voor, dat een pas aangestelde Agent in alle onschuld zijn Directie ervan in kennis stelt, dat hij „nu eens een prachtig zaakje onderhanden heeft!" De Heer A is verzekerd bij een Maatschappij, waar hij meer premie betaalt dan „bij ons". De Agent zal alles doen om dien Heer A over te halen, zich liever „bij ons" te verzekeren. In zulk een geval is het de plicht der Directie haren al te ambitieusen Agent een teleurstelling te bereiden, door hem reeds vooruit mede te deelen, dat zij die verzekering nooit kan accepteeren, en hem hare redenen daarvoor uiteen te zetten. Is de Agent een eerlijk en verstandig man, dan zal hij die onmiddellijk begrijpen en zich over zichzelven verbazen, dat hij de zaak niet vroeger zoo heeft ingezien. Wel verre van zich te laten ontmoedigen, zal hij integendeel met meer lust aan den arbeid gaan, omdat hij voor de beginselen zijner Directie eerbied heeft gekregen.

Uit het bovenstaande volgt reeds, dat men niet elke poging tot uitspannen over één kam scheren kan. Er wordt soms gezondigd uit onwetendheid en in zulke gevallen kan een Directie volstaan met den onbewusten zondaar zijn verkeerdheid onder het oog te brengen en hem positief te verbieden, in het vervolg op dezelfde wijze op te treden. Mocht het reeds zóóver zijn, dat de aanvrage geteekend is, zij weigere beslist haar in overweging te nemen.

Maar er zijn gevallen denkbaar, waarin reeds geëxperimenteerde Agenten zich tot uitspannen laten verleiden; Indien het hun eerste misstap op dit gebied is, kan de Directie wellicht nog volstaan met een zeer ernstige vermaning, zóó ernstig, dat de Agent begrijpt, dat een voortgaan in dezelfde richting zijn positie in gevaar zou brengen. Bij herhaling volge, zonder verdere consideratie, ontslag: „Aux grands „maux il faut de grands remèdes."

Het spreekt vanzelf, dat ik hier geen catechismus heb willen geven, waaraan een Directie zich onvoorwaardelijk te houden heeft. Toch moet m.i. het bovenstaande regel zijn en uitzonderingen daarop behooren niet dan om zeer geldige en wèl overwogen redenen gemaakt te worden.

23*

Sluiten