Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

. Opbouwende lt<*king.

°opartijdigbei^

verdienen. Worden zij op routen opmerkzaam gemaakt, zij zullen die, zoo ze de juistheid der gemaakte opmerking erkennen, gaarne verbeteren. Maar hatelijke courantenartikelen, die zich bepalen tot het in weinige woorden „afmaken" van een Maatschappij, benadeelen niet alleen die Maatschappij, doch ook het daarbij verzekerde publiek, dat angstig gemaakt en misschien, zonder eenige afdoende reden, tot onberaden stappen gebracht wordt, waarover het later berouw heeft. Hierop doelde ik, toen ik als eisch voor de door de pers te oefenen critiek ook stelde:

Een opbouwende strekking. Immers het „afbreken" alléén is niet moeielijk, maar het aanwijzen van de middelen ter verbetering is veel bezwaarlijker. En zoodra men zijne gedachten ook daarover gaan laat, zal men dikwijls van alle zijden moeielijk op te .lossen kwestiën zien oprijzen, zóó moeilijk, dat men zich onwillekeurig zal afvragen, of misschien het afbreken niet wat voorbarig was, waar het nieuw opbouwen zoo bezwaarlijk gaat. Zoo de pers echter een afdoend middel tot verbetering meent te hebben gevonden, is het haar plicht, dat aan de geïnteresseerde Directie voor oogen te houden en aan het publiek bekend te maken, opdat óf die verbetering ingevoerd worde, óf de onvoldoendheid van het middel worde aangetoond. Op die wijze behartigt zij het algemeen belang, met inachtneming van wat tot welzijn strekt èn van het publiek èn van de betrokken Maatschappij. Want — dit vergete men nimmer! — een ernstige Directie zal gaarne en gretig gebruik maken van elk middel, dat haar ter verbetering wordt aangewezen.

Terloops wijs ik er nogmaals op, als direct volgende uit wat ik hier zeide, hoe volkomen illusoir het nut van elke critiek wordt, wanneer de criticus zelf-niet voldoende op de hoogte is van de zaak, die hij beoordeelt, m.a.w. wanneer de Redactiën niet over krachten beschikken, die van het vak der Levensverzekering studie hebben gemaakt. Anders zullen zij zijn als de man, die het huis van zijn buurman afbrak, omdat hij het niet mooi vond, en verwonderd was, toen men van hem verlangde, het nu ook weder op te bouwen en dat wel fraaier dan te voren. „Ik ben geen bouwmeester", zeide hij. En toen werd het volk toornig en wierp hem met steenen, zeggende: „Als ge geen bouwmeester „zijt, waarom hebt ge het huis dan afgebroken? Wie zegt U, dat Uw „oordeel beter was dan dat van Uw buurman?!" — Tegenwoordig worden dergelijke „afbrekers" niet met steenen geworpen.

Onpartijdigheid zij den dagbladen ten slotte aanbevolen bij het critiseeren van de werkzaamheden der Levensverzekering-Maatschappijen.

Sluiten