Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

schap, die in den grond zeker niet te laken valt, zoolang zij zich alleen uit in het releveeren van datgene, wat bij de vaderlandsche Maatschappijen werkelijk goeds te vinden is. Slechts mag ze niet ontaarden in een vooroordeel tegen en een afkeuren van al wat buitenlandsch is. Dit geschiedt dikwijls in landen, waar een meer of minder geprononceerd chauvinisme bestaat. In onze tegenwoordige, cosmopolitische wereld is het nu eenmaal regel, dat elk land in meerdere of mindere mate buitenlandsche ondernemingen tot zich trekt, gelijk het omgekeerd ook vertakkingen van zijne ondernemingen in het buitenland ziet ontstaan. En die toestand is in alle opzichten gelukkig, vooral op het gebied der Levensverzekering. Door kennis te maken met buitenlandsche ondernemingen verruimt zich de blik der binnenlandsche instellingen. Men doet nieuwe denkbeelden op en leert het bestaande zooveel mogelijk volmaken; de een leert van den ander en allen profiteeren ten slotte daarvan! Dientengevolge moeten de buitenlandsche ondernemingen — ik betoogde dit reeds zoo vaak1) — vriendschappelijk beschouwd en behandeld worden.

Doch in de "meeste landen van Europa wordt deze ruime opvatting niet gedeeld, ja zij, die haar huldigen, worden dikwijls als slechte vaderlanders of onhandige „mannen van zaken" beschouwd. Van het buitenland leeren — best! Maar buitenlandsche Maatschappijen zonder bizondere, bezwarende bepalingen in het binnenland toe te laten en er dus concurreerende instellingen van te maken, die onder gelijke omstandigheden werken als de binnenlandsche Maatschappijen — daarvoor dankt men! En deze stemming weerspiegelt zich zoowel in de Wetgeving al in de pers van verreweg de-meeste vreemde landen, en doet kleinzielige, enghartige opvattingen ontstaan en voortwoekeren.

Er zijn voorbeelden van formeele veldtochten, door de pers van sommige landen tegen buitenlandsche Levensverzekering-Maatschappijen in het algemeen ondernomen, veldtochten, die, door binnenlandsche ondernemingen begonnen, dikwijls door de Regeeringen gesteund wer-' den, en die hun eenige oorzaak hadden in overdreven concurrentievrees en kleingeestig protectionisme. Door een dergelijk optreden benadeelt de pers de belangen van het publiek — dat toch gedeeltelijk bij die buitenlandsche Maatschappijen geïnteresseerd is — en belemmert zij de ontwikkeling van het bedrijf der Levensverzekering.

x) Zie o.a. blz 200 en 335, v.v.

Sluiten