Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Landbouwers uit Omsk werden, alvorens te worden neergeschoten, gegeeseld en met geweerkolven en ijzeren staven geslagen, om aditer de waarheid te komen. Dikwerf zijn de slachtoffers genoodzaakt hun eigen graf te delven. Soms plaatsen de uitvoerders hen met het gezicht tegen den muur en vureniangs hun ooren revolverschpten af, hen eerst na aanzienlijk tijdsverloop het genadeschot gevend; personen, die het overleefd hebben, stemmen dit toé.

Er,waren meisjes, bejaarde vrouwen en zwangere vrouwen onder de slachtoffers. Het geval van mej. Bakouyeva strekt tot voorbeeld. December 1918 werd dit meisje (19 jaar oud) van spionnage beschuldigd en gemarteld met tot dertien keer langs dezelfde wond langzaam met een bajonet gestoken te worden. Later werd zij nog levend door boeren gevonden. Ze is nu ten naastenbij genezen en heeft ons zelf het verhaal hafer folteringen gedaan.

Bolsjewiki toonen zich heftig gebeten op kerken en geestelijkheid, plunderen kloosters (zooals te Bieligorod en Bielogorski), veranderen kerken in vergaderzalen en werkplaatsen en moordien priesters en monniken. Van de 300 priesters in de bevrijde plaatsen van Perm waren 46 door Bolsjewiki vermoord.

NEGENDE HOOFDSTUK.

Bolsjewiki en werklieden,

„Rondom ons waart de revolutie en in die revolutie, zoowel in Rusland als elders, is veel waarover onze ziel bedroefd is. Daar is veel in de methoden, dat wij afkeuren en waarvoor wij onze arbeiders ten ernstigste zullen waarschuwen.Maar als de bourgeoisie tot ons komt, de bourgéoisie, die de revolutie meer en meer den weg der wanhoop opdrijft en van ons eischt, dat wij breed die fouten zullen uitmeten, dan zeggen wij: wij zijn er grootsch op, dat er is in Europa een sociale revolutie en als zij aan de poorten van ons land komt, zullen wij haar begroeten alls het groote historische werk der arbeidersklasse." (Troelstra's Meirede. Verslag „Het Volk" 2 Mei.)

Industrie, landbouw, handel en verkeer, — schrijft Wladimir in zijn „Ernstige waarschuwing", bl. 11 — zijn vernietigd, de burgerlijke klassen van haar vermogens beroofd de boer is geruïneerd. En de arbeider, voor wien het heet, dat dit alles is geschied — is hij voldaan, heeft hij wat hij wilde? O neen, hij is de ongelukkigste van allen. Beroofd van den arbeid, door den honger van de steden naar de dorpen verdreven, waar hij door de bqeren als onnut mede-opeter, als vijand ^wordt beschouwd, of tegen zijn overtuiging in vechtend in het Roode

Sluiten