Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

met de aanvangsletter van-t stamwoord. Bij 't werkwoord zal dit nader worden toegelicht bij den vorm met mé, die aan dezelfde veranderingen onderhevig is

boeroe = jagen; pëmboeïoe = jager.

adjar: == leeren ; pëladjar = leerling ;

përigadjar = onderwijzer.

takoet = vreezen; pënakoet = lafaard.

malas = lui; pëmalas =■ luiaard.

djoewal = verkoopen; pëndjoewal = verkooper

bëh = koopen ; pëmbëli = kooper.

4e. met het voorvoegsel pë oen 't achtervoegsel an-

atoer = regelen ; përatoeran = regeling.

kërdja = werken; pëkërdjaan = werk, betrekking

k&ta == woord; përkataan = gesprek, verhaal.

lajar == zeil; pëlajaran = zeereis.

djandji = beloven; përdjahdjian = overeenkomst.

mam = spelen; përmainan = speelgoed, l :

m8at = onthouden.-,v;pëTingatan ^ herinnering

laboeh = ankeren ; pëlaboehan = ankerplaats. :

koeboer = graf; pëkoeboeran = kerkhof. '

adjar = leeren ; pëngadjaxan = onderwijs. ■. ;

pëladjaian; = les, studie.

Bijvoeglijke naamwoorden.

De meeste bijvoegehjke nw. zijn stamwoorden. Bijv ■

b,esar = groot; këtjü = klein ; tinggi = hoog •

lebar = breed ; kaja = rijk ; papa. of miskin = arm •

baik = goed ; djahat = slecht; boèsoëk" = slecht,'

i. . bedorven ;

bagoes = mooi; boesoek, djahat, djëlek = leehjk'f

moeda = jong (ook licht van kleuren) ;

toewa = oud (ook donker van kleuren) •

tërang = licht (tegenover duister) ; gëlap' = duister •

mata = dood ; mamis = zoet, lief; pait = bitter :

nakal == stout, ondeugend.

Afgeleide bijvoeg, nw. worden gevormd met •

ie. het voorvoegsel bë:

goena = nut; bërgoena = nuttig.

Sluiten