Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

koeatir, ongerust zijn.

djangan koeatir, wees niet ongerust.

kota, eig. versterking, heeft tegenwoordig de beteekenis van stad ; te Batavia is „kota" de oude stad.

bagaimana, hoe, hoedanig,

op welke wijze ? grobag, vrachtkar. moeat, bevracht zijn. toeroen, afstappen. distation mana, aan het

station, waar ? dus : aan

welk station ?

boekan ? is 't niet ? immers ?

ongkos, onkosten.

bèsok, morgen.

ditoelis, wordt geschreven.

direkening, op de rekening.

di heeft dus tweeërlei beteekenis : ie is 't een voorzetsel; 2e is 't een voorvoegsel tot vorming van den lij denden vorm.

naik trèm, per tram.

tida oesah, 't is onnoodig.

naik kërëta, per rijtuig.

patoet, moeten. I haroes, behooren.

Sluiten