Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

den te laten verdienen voor een boodschap, is vlug en mal. Dat lijkt me! Het slot is te alledaagsch. Karakterstudie biedt het stuk niet veel; hierin blijft het een klucht, doch iemand, die zoo veel kwinkslagen en moppen in zijn mouw heeft als deze allervermakelijkste kluchtensmeder, die kan beslist véél meer.... en moet ons dat geven.... en gauw ook!,..

264 DE MEID. H. Heijermans. — Tooneelbibliotheek, Amsterdam.

Ik zal niet zeggen, dat de hoofdstrekking van dit stuk slecht is; de hoofdrol, die 't stuk beheerscht, Cor, de huisheer, is een pientere, nobele kerel. Doch zijn vrouw is een alledaagsch minwaardig iemand en die meid is een vuige canaille... Bah en nog eens bah.... Hoe smakeloos! 't Is een figuur uit de steegjes, waar ze erwten met saus koopen.in hun holle pet en met hun bloote voeten over haringen loopen... Dit zoodjesrealisme is beneden het minimum-verdragelijke.... Mie teekent zich zelf en het stuk: ,,'k heb toch zoo'n vuile strot...." Dat noemt de directeur dezer Maatschappij voor goede(!) en goedkoope lectuur... „beschavend en ontwikkelend voor héél ons Nederlandsche volk"... Mooie dingen...

265 MEVBOUW WARRENS' BEDRIJF. Shaw. — Wereldbibliotheek, A'dam. Een gemeen bedrijf, uitgeoefend door een gemeene persoonlijkheid, mevr.

Warren, met een verfijnden en daarom nog gemeeneren handlanger, Croft; en om dit stelletje een huichelende dominé en twee schunnige individuen en een raak-zakelijk maar toch eerlijk meisje, Vivie, dat haar moeder weggooit als ze bemerkt, dat zij in haar eer door haar moeder is vertrapt. Slecht.

266 DE NIEUWE DIRECTEUR. Alb. de Vries. — Maatsch. v. g. en g. 1., A. Dit is wel een pittig stukje, maar het soort „zedespel" behaagt me

geenszins. Het schijnt een genre te zijn, dat één vluchtig gegeven zedeles wil uitdeelen, terwijl alle verwikkeling en spanning in 't stuk worden vermeden. Dat doel is evengoed te bereiken in een „dialoog" over een onderwerp. Zou de schrijver meenen, dat iemand op de wereld naar zoo'n spel kwam kijken?'

267 DE OPSTANDELINGEN. Henriette Roland-Holst. — Ned. Bibl., A'dam. Wie dit metrisch gesnork en wraak- en verdelging-ademend razen tegen

de bestaande orde aanhoort en denkt aan de slachtoffers van zulk dolzinnig opzweepen, hem komt het woord voor den geest, dat in het stuk „de eerste officier" spreekt, tot Maria, een der „Opstandelingen": „Gij.... gij zijt van allen het schuldigst.... (p. 106).

268 DE RIVALEN. Sheridan. — Wereldbibliotheek, Amsterdam.

Het verwondert me niet, dat dit eerste blijspel van den beroemden schrijver der „Duenna" niet veel succes had. Het is te vreemd van opzet, vind ik, hoewel er veel geest en humor in schuilt. De rol van Mevrouw Malaprop is bepaald meesterlijk volgehouden. Voor volwassenen is 't toch een belangwekkend boekje.

269 DE REVISOR. J. Gogol. — Toqneel-bibliotheek, Amsterdam. Uitstekend uit het Russisch vertaald. Een gewoon gegeven, doch dat

in wijdgemantelde deftigheid van grootscheepsche, bijna onuitsprekelijk uitgerekte Russische namen optreedt en voornaam 'doet. Een almachtig aardig stukje, dat daarbij zeker een bijtenden spot op de Russische omkoopbaarheid verbergt. Voor volwassenen aan te bevelen. Met een paar kleine veranderingen heel geschikt voor liefhebberij-tooneelisten.

270 TWEE ZEDESPELEN. A. de Vries. — Maatsch. v. g. en g. lect., Amst. Nooit gehoord van dat genre. Zeker wat nieuws van die verheffende

Maatschappij. Dacht, dat ieder tooneelspel zedelijk moest zijn; bepaald ouderwetsch van me. Deze twee „zedespelen", genomen uit de journalisten-

Sluiten