Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

wereld, zijn mat, onbelangrijk. Een zedespel schijnt dus te zijn een stukje, waarin een kleine gedachte, petieterig en slordig, eenzijdig wordt belicht, zonder verwikkeling hoegenaamd wordt uitgewerkt, dus kwalijk tot haar recht komt Moet je maar weten!

271 TPOUWEN. B. Shaw. — Wereldbibliotheek, Amsterdam.

Was dit stuk als grap bedoeld, ik liet het daar! Doch Shaw bedoelt met zijn grappen iets zeer ernstigs en heel zijn trouwen-poespas is verderfelijk. Wat mijnheer Simons, de beruchte reclameheid der Wereldbibliotheek, in de inleiding dezer uitgave schrijft over de rol van mevrouw George, — de slechtste figuur van heel de ongare combinatie, — bewijst opnieuw aan welke ongewenschte leiding deze "Wereldbibliotheek is blootgesteld.

272 VEERTIG. W. Schürmann. — Wereldbibliotheek, Amsterdam.

Dit is in den grond een goed en mooi tooneelspel; de karakters zijn uitstekend volgehouden, afwisselend, sprekend, de dialoog is pakkend. De aard van het stuk brengt mee, dat het voorbehouden is, eenige, overigens overbodige passages maken het, helaas, zeer voorbehouden.

273 VOOR HET DINER. Simons-Mees. — Wereldbibliotheek, Amsterdam. Dit is het eerste stukje van mevr. Simons-Mees, en ik vind het verreweg

het beste, al is het dan maar een „Voorstukje" in één bedrijf. Dit is niet raar, niet plat, maar guitig en leuk.

274 VAN DEN REGEN IN DEN DROP. Lectori Salutem. — Bunders, Amst Het heet goed: kluchtspel in twee bedrijven. Voor een eigenlijk blijspel

is er geen karakterteekening en verwikkeling genoeg in. Maar de klucht is vermakelijk, de zetten meermalen heel aardig.

275 DE ZOON, CREDIET. Twee zedenspelen. A. de Vries. — Wereldb. Amst. Het genre, dat maar zelden boeiend genoeg is voor het tooneel, nog

daargelaten, kan ik dit boekje ook om den inhoud van het eerste „zedenspel", „De Zoon", niet enkel niet aanbevelen, doch ben ik verplicht het af te keuren.

276 EEN MOEDER. /. A. Simons-Mees. — M. v. g. en g, lect. Amsterdam. Voorbehouden vooral om het slot. Het karakter der moeder en van haar

kinderen, vooral Lotte, Clara, Onno en Liesbeth, zijn anders verdienstelijk; voor volwassenen zou ik het stuk njiet afkeuren; diepe grond van waarheid ligt in dit tooneelspel ongetwijfeld.

277 SALOME. Oscar Wilde. — Wereldbibliotheek, Amsterdam.

Honderd tegen een, als de „Maatschappij voor goede en goedkoope lectuur" iets uitgeeft, is het niet goed en dikwerf niet goedkoop. Dit boekje ontsnapt niet aan dit zonderling noodlot; het rauwe dronkemans gelal van Herodes is even walgelijk als de wellustige bloeddorst van Salome beestachtig is. Het is een aartsgemeen stuk.

278 BLANCO POSNETT'S WARE GEDAANTE. B. Shaw. Wereldb., A'dam. De Directeur dezer Maatschappij moge deze gore en rauwe uitgave

goedpraten, ze kan in geen enkel opzicht „een lief bezit" worden genoemd, gelijk de reclame-prospectus meedeelt, dat de W.-B., bedoelt te zijn. Wie vindt het nu lief als iemand een vuilnisbak in je zaal omtrapt?.... Opruimen .... gauw!....

279 EEN PALADIJN. /. A. Simons-Mees. — Nederl. Bibliotheek, Amsterd. De schrijfster heeft blijkbaar geen begrip van een mannelijken gevoelsmensen — wat haar van Erckelens moet verbeelden. — en zoo is haar heele „phantastische comedie" een zuiver zinsbedrog. Bovendien doorspekt

Sluiten