Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

— en nog veel later, als haar blik toevallig langs haar vaders neus gleed, zag ze altijd tegelijk dat mes en vader in zijn witte jasje, naast haar gaande door de heesterpaadjes van De Elze.

Pappa sprak nooit heel veel uit zich zelf, tenzij dan 's avonds na den eten, als 't donker werd, en hij zijn dolle verhaaltjes vertelde. Liep hij met Annie door De Elze, dan hield hij zijn hoofd meest een beetje naar den grond gebogen, of opzij naar de struiken, om te zoeken naar de „wilde loten" waar >—i knips — het flikkerend mes dan even langs gleed. Het hinderde Annie niets al was vader stil. 't Was immers of alle bloemen en ritselende boschjes babbelden?

Er waren echter tijden, dat pappa stil was op een heel andere manier. En dan was Annie bang. Er was dan zoo iets vreemds in pappa's oogen, die altijd over haar heenzagen, ze wist niet waarheen. Als een muisje sloop Annie door het huis; ze durfde 's morgens pappie geen zoen brengen in zijn kamer, uit vrees dat bij boos zou worden en driftige woorden spreken — net als tegen Juf of Keetje de oude meid, of den koetsier. Dan vond ze pappie niets lief, en dan kuste ze Juf, die soms roode oogen had als ze kwam van beneden, waar pappa haar geknord had.

Na zulke dagen gebeurde het dan meestal dat pappa op reis ging, soms voor kort, maar soms ook voor heel lang. Dat vond ze een naren tijd. De Elze was, zonder pappa, De Elze niet meer. Ze telde dan lederen avond de dagen af die al weêr „om" waren; elke dag die om was bracht pappa gauwer terug.

En als vader dan eindelijk weêr kwam; als ze boven, van uit de kinderkamer, het rijtuig met Barend op den bok om den hoek van de oprijlaan zag te voorschijn komen — dan was 't een groot feest, waarvan het vlaggetje uit een der kinderkamerramen pappie al van ver moest vertellen.

Soms, 's zomers, als vader op reis ging, mocht zij met Juf gaan logeeren bij grootmama op De Groote Brink. Dat was een heel eind met den trein en dan met het rijtuig. Grootmama was een lieve oude dame en „De Groote Brink' een buiten nog veel mooier dan De Elze. Er waren veel mooier boomen en bloemen, en 't huis was lang zoo vervallen niet. Je hadt er geen groote zaal als op De EJze, maar er waren gezellige kamers: een blauwe kamer en een roode kamer en een witte kamer. Het liefst van alles was grootmama zelf.

Sluiten