Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

onder de pomp had gewasschen, dacht Annie. Zoodra hij haar zag kroop hij dadelijk in zijn hokje terug, kwam even later weêr voor den dag, nu zijn pet op. Eentonig rikketikte net toestel van de telegraaf.

Maar nu snerpte uit de verte een fluit, en de trein schoof van achter de/bocht te voorschijn. Klein in haar nauwsluitend groen laken rijpak, op 't donker blonde haar het zwarte matelótje, overstrakt door 't witte voiletje van achter saamgebonden in een knoop, stond Annie midden op 't perron en wachtte. Zij voelde haar hart een beetje kloppen, nu ze weêr dacht aan mama, die kwam. Hoe zou mama haar vinden ... en zij... mama ... ?

Brieschend schoof de locomotief langs haar heen; remmen knarsten. Achter een coupé-raam eerste klas had zij moeder

P dadelijk ontdekt, die knikte. Ook een heer, aan een der Zijraampjes, had geknikt, meende Annie.

De conducteur wierp enkele portieren open.'Annie zag mama, in 't lila, uitstijgen; — mama droeg een geel-zijden

yupón, die even. bij 't stappen van de treeplank, te voorschijn kwam. Dit merkte Annie alles in een oogwenk op, nog vóór ze moeder zelf goed zag, dat wil zeggen haar gezicht, haar oogen, die nu Annie al gevonden hadden — lachten.

— Dag moeder; goeie reis gehad ? Wacht, geef mij dat taschje en die parapluie...

fh Dag Ans. kijk, zeg gauw even oom Dolf goeien dag; je herinnert je hem wel van vroeger; — heb met hem gereisd van Emmerik af; hij gaat nu door naar Utrecht, maar komt morgen avond op den terugweg een vizite doen ...

Annie gaf oom Dolf, nog gauw even over het •portierraampje heen. een hand. Een fluitje ging. de trein zette zich al weêr in beweging.

Adieu dan! tot morgen, wuifde mevrouw Hada met de hand. Dan, zich tot Annie wendende: — En hoe gaat het jou? Je bent toch zeker met het rijtuig, niet? Ik ben doodsbenauwd dat eind te loopen; zal nooit vergeten dien keer dat de paarden plotseling ziek waren geworden en er in 't dorp niets te krijgen scheen. Foei, foei, 'k geloof als de paarden nog eens ziek werden, 'k a tort et a travers z'er door zou jagen, liever dan nog eens dat eind te sjouwen...

— Fy mother! zei Annie verschrikt en lachend tegelijk, dan dadelijk daarop haar lippen strak opeen persend. Zij had willen huilen van verlegenheid en woede, want ze zag het stationnetje kijken, kijken... Alles keek naar haar moeder en haar: naar 't lila toilet en de kanten jabot van haar

Sluiten