Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Dolf, die 's avonds komen zou. Grootmoeder had er een klein dinertje van gemaakt: met bloemen en champagne. Aan 't dessert had ze met haar lieve, oude stem een toast gehouden, die zij voorlas van een briefje. Hoe zij hoopte en vertrouwde dat het in Gods raad zou besloten liggen, om op dit afscheid een weerzien te doen volgen, als Annie... van 't voorjaar... Ook op moeder had grootma getoast en op papa, die in Parijs zat, volgens de laatste berichten, 't Was alles zoo lief geweest. Zij was grootma er een heel dikken zoen voor komen geven en had grootma bedankt voor al 't plezier van dezen zomer, waaraan ze in Den Haag nog dikwijls zou terugdenken. En, eenmaal zelf aan het „toasten", was ze door blijven spreken, als aangevuurd door haar eigen mooie stadhuiszinnen (of kwam het door de champagne ? ?) en had, verbeeld je! ook juffrouw Verheide bedankt voor haar allerbelangrijkste, hoogst interessante „het-aangename-met-het-nuttige- vereenigende" enzoovoorts enzoovoorts ... lessen.

Verhejde had eèn kleur gekregen en iets terug gemompeld van: „heel vriendelijk" en „onverdiende eer" en „een makkelijke leerling" (verbéél-je), en grootmoeder had een beetje haar oogen gewreven en moeder amandelen gekraakt en rozijntjes gesnoept.

Nu was de plechtigheid afgeloopen en zij bezig de theetafel in orde te brengen, want zij mocht van avond theeschenken. Jeminé, als ze dat er maar zonder kleerscheuren oftewel kopjes breken afbracht —; ze was ook altijd doodsbenauwd voor morsen!

En nu zat oom Dolf daar; had zijn eerste kopje thee al beet. Grootmoeder, die erge hoofdpijn had, toch even nog was opgebleven om oom Dolf te verwelkomen, had zich nu teruggetrokken op haar kamer, de honneurs aan moeder overlatende. Zij, Annie. zat op een laag bankje, opzij van de porüères: zoo vlak op dien haard, bovendien zoo vlak op oom Dolf. was haar te warm. Ze hield niet van dien man, zoo weinig ze hem kende, en al was hij dan ook de eenige broêr van haar gestorven moeder, 't Was een boer — hij mocht dan al tienmaal een jonkheer zijn; ze begreep niet waarom mama hem hierheen had gesleept. Kijk nou die manier, waarop hij de asch van zijn sigaar deed. Hij had haar ook wel kunnen vragen of zij er niet tegen had dat hij rookte, zoo'n onbeleefde vent...

Al pratend met zijn zwagers vrouw, had Jhr. van Stek-

Sluiten