Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Maar nu lie p zij toch alleen op de Heerengracht, in de zon ... heerlijk ontsnapt!... De gekleurde plakkaten voor 't gebouw van den Kunstkring schetterden vroolijk in 't licht; er was een druk geloop van menschen, gerij van rijtuigen... de stad was toch wel leuk op dit uur. — Ze dacht nog even over haar leugentje, tant pis, je m' en fiche, m' en fiche tout le monde; ze had geen zin zich te laten „bemuttern" (heette het zoo niet ? Duitsch was niet haar fort) door dat malle mensch van de van Walsems, al was het dan duizendmaal de afspraak. Een enkelen keer mocht ze wel eens ontsnappen, eens „uit den band springen" ~ je ging dood als je je altijd aan alle conventies wilde houden. Wacht, nu niet zoo hollen; dan was het veel te gauw^met haar vrijheid gedaan. Lekker slenterend genieten van de zon en de menschen en de winkels, en maar niet verlegen zijn als ze iemand tegen kwam. Kom, zoo erg was het toch waarachtig ook niet, dat ze tegen vieren eens alleen door de stad liep. Zoo veel meisjes van de Burger deden het iederen dag

In de Korte Poten waren de winkels nog niet veel bizonders; in de Lange Poten begon het. Langs het Plein gaande, waar de witte trammen af en aanschoven, kreeg ze even lust nu in haar eentje naar Scheveningen te gaan... de zee... heerlijk frisch ... maar dat ging natuurlijk niet... Dan zou ze voorgoed gecompromitteerd zijn 1...

Voor het raam van den boekhandel van Couvée bleef ze even kijken. Got, wat 'n boeken en wat 'n leuke plaat... In 't spiegelend glas zag zij zichzelve staan in haar donkerblauw manteltje, haar wit-castoren Liberty-hoed met neergebogen rand en turksche shawl. Als blanke rijksdaalders blikkerden de perlemoeren knoopen van haar mantel haar tegen. — Kijk, was dat niet een nieuwe Sherlock Holmes ? Zou ze 'm koopen; ze had toevallig haar beursje bij zich, Maar ze kon er toch niet meê thuiskomen; tenminste ze liep kans dat juf het zou zien; zou vragen... En wegstoppen onder haar mantel ging toch ook niet

Ze liep door, nog na-denkend over Sherlock Holmes. Ze was dol op detectives; ze verslond ze met huid en haar. Maar ze kon er zoo zelden een machtig worden. Juf was Uef, maar op dat punt vreeselijk streng; kom, waarom toch eigenlijk; er stak toch niets verkeerds in. «It Was veel prettiger dan die saaie „serieuze" literatuur. „Please Annie, could you explain the general character of Wordsworths poetry ?" Ze wist er geen steek van, en 't interesseerde haar ook

Sluiten